Bayern-coach Van Gaal wil alles zien, horen en voelen

Waar Bayern-coach Louis van Gaal vooral uitgaat van de wetenschap, geeft zijn tegenstander Inter-coach José Mourinho de voorkeur aan een provocerende strategie met veel passie.

Wint het verstand het in Madrid van de emotie? De vooral op wetenschappelijke basis voorbereide ploeg van Bayern München neemt het in de finale van de Champions League op tegen de geestdrift van Inter Milaan. Louis van Gaal versus José Mourinho, trainers met verschillende visies op voetbal.

Terwijl Van Gaal met zijn technische en medische staf de selectie van de Duitse kampioen de afgelopen dagen aan de Säbenerstrasse in München voorbereidde, deed Mourinho hetzelfde op Appiano Gentile, het lommerrijke trainingscentrum bij Como. Trainers met een grote staat van dienst, maar ook trainers met een grote mond. Bij winst is er geen betere, bij verlies vergaat de wereld.

Waar Mourinho het noodlot durft te tarten, provoceert en gepassioneerd voetbal predikt, wil Van Gaal niets aan het toeval overlaten. De Nederlander heeft nog net niet elk grassprietje van het Bernabeustadion van Real Madrid gekeurd. Het gras moet op de juiste hoogte worden gemaaid en op tijd worden gesproeid. De bal moet kunnen rollen, zoals geprogrammeerd, zonder dat een hobbel de richting verandert.

Vraag het zijn computeranalist Max Reckers, een van de drie Nederlandse assistenten die Van Gaal vorig jaar zomer meenam naar München. Naast Reckers heeft hij assistent-trainer Andries Jonker en inspanningsfysioloog Jos van Dijk tot zijn beschikking. Reckers maakt alle acties tijdens de training en de wedstrijd op een computerprogramma visueel. „Wat vandaag is, moet morgen beter”, legt Reckers uit. „We creëren een leefklimaat waar iedere speler zich thuis voelt, in een veilige wereld. Alles wat wordt gedaan op het veld wordt in de media breed uitgemeten. Dat is nattevingerwerk. Dankzij registratie op de computer kunnen spelers duidelijk zien wat ze hebben gedaan en hoe het verbeterd kan worden. Van Gaal heeft na de wedstrijd al op de computeranalyse gezien wat er in bepaalde situaties is gebeurd. Zo kan hij de pers tegemoettreden.”

De computer is duidelijk, weetReckers, die evenals inspanningsfysioloog Van Dijk met Van Gaal bij AZ werkte. „De coach kan een verhaal vertellen, maar dat kan de speler gemakkelijk weerleggen. Computeranalyses vallen niet te weerleggen. Bovendien: 75 procent leer je door wat je ziet. Ieder balcontact tijdens een wedstrijd leggen we vast. We kunnen de ruimte tussen spelers en linies laten zien, en aan de hand daarvan kan Van Gaal de noodzaak van verandering van posities laten zien.”

Reckers laat op zijn laptop zien hoe het elftal in elkaar schuift bij balbezit van de tegenstander en uit elkaar schuift bij eigen balbezit. Geprogrammeerd. Bayern werkt samen met de universiteiten van München en Groningen, en ook met Inmotio, een Nederlands bedrijf dat in samenwerking met TNO Delft door middel van het computerprogramma lpmSoccer3D onder meer hartactiviteit en fysieke prestaties, tactische en voetbalvaardigheid kan analyseren, maar ook balltracking (beweging van de bal) en local position measurement (positie van de spelers) aangeeft. Onder toezicht van onder anderen Van Dijk en Reckers trainen de spelers van Bayern in hesjes met chips. Met behulp van transponders, camera’s en computerstations rondom het veld wordt alles geregistreerd. Elke speler heeft in de kleedkamer zijn eigen oplaadstation. Voor de training haalt hij zijn hesje eruit, na de training laadt hij hem weer op. Van de wereldvoetbalfederatie FIFA mogen tijdens wedstrijden geen elektronische hulpmiddelen worden gebruikt, zoals monitoren en laptops. „Maar over een paar jaar spelen voetballers met een sensor in hun kraag”, weet Reckers.

Inspanningsfysioloog Van Dijk kan aan de hand van de analyses en van dagelijkse testen de lichamelijke conditie van de spelers zien. „We hebben begin dit seizoen trainingsschema’s opgesteld en kunnen door de analyses aanpassingen aanbrengen. Elke training is uitgedacht, elk balspelletje is verantwoord. Elke oefening moet met de bal. Dat is niet wat ze in Duitsland gewend zijn. Van Gaals voorganger Klinsmann werkte met Amerikaanse fysiotherapeuten. Zij waren ervan overtuigd dat je conditie opbouwt door veel arbeid. Onze basis is voetbal.”

Herstel is de sleutelfactor, weet Van Dijk. „Iedere morgen moet een speler een lijstje invullen, met vragen als: goed geslapen? Hoe kijk je uit naar de dag? Heb je spierpijn, ben je stijf? Van Gaal vraagt van zijn assistenten goed naar spelers te kijken tijdens de training: hoe ze zich gedragen, hoe ze zich bewegen. Hij vraagt voortdurend aan ons en de spelers wat ze voelen en wat ze willen, hoe het persoonlijk met ze gaat, met hun gezin. Elke geestelijke belasting kan verkramping geven. Hij vraagt volledige inzet en vertrouwen. Hij wil alles zien, horen en voelen. Hij staat open voor alles.”

Op de trainingen bij Bayern München wordt vooral geoefend op balbezit, op positiespelletjes. Van Gaal wil dat zijn ploeg zoveel mogelijk balbezit heeft: 60 tot 70 procent. „Hoe meer balbezit, hoe minder spelers moeten sprinten. Balbezit is vragen de tegenstander te laten lopen. Dat kost de tegenstander kracht. De toekomst is een videoanalyse waarop de speler kan worden gepresenteerd hoe hij door zijn lichaam te draaien meer en betere afspeelmogelijkheden heeft. De toekomst van de voetbalrobot? Nee, het blijft een spel. De computer is slechts een hulpmiddel”, zegt Van Dijk. Hij relativeert: „Bayern heeft een staf van twintig man, trainers, fitnesstrainers, artsen en een sportpsycholoog. Er zijn maar vier Nederlanders.”

Of de methode-Van Gaal leidt tot een nieuwe triomf van Bayern München ligt niet in handen van de Nederlander – hoe graag hij dat ook wil. Daarvoor is Mourinho te veel dwarsligger. De Portugees heeft zich ontwikkeld tot een grote ontregelaar. Vraag het Barcelona, vraag het Lionel Messi, die in de halve finale het spelen onmogelijk werd gemaakt door de door Mourinho opgezweepte spelers.