Ozzy Osbourne redt de Oriënt

Prince of Persia: the Sands of Time

Regie: Mike Newell. Met: Jake Gyllenhaal, Gemma Arterton. In 102 bioscopen. **

Een karakteracteur als held: het kan een actiefilm opwaarderen tot wereldhit. Het kan ook mislopen. Na Prince of Persia moeten we bij Jake Gyllenhaal helaas ‘ongeschikt’ aanvinken. Zijn wazige blik en halfopen mond geven hem elders een mystiek aura. Met sportschoolspieren en hardrockkapsel oogt hij eerder gedrogeerd. Hoe Ozzy Osbourne de Oriënt redt.

In het op een videogame gebaseerde Prince of Persia trekt hij als prins Dastan met prinses Tamina en een assortiment schurken door de woestijn om een dolk die de tijd terugdraait. Die dolk is de ware reden dat het Perzische leger de heilige stad Alamut binnenviel en naarstig op zoek gaat naar ‘verborgen wapens.’ U voelt hem wel.

Alles is aanwezig, goed gedoseerd zelfs. Vertrouwde karakters – kibbelend liefdespaar, jolige vrijbuiters, ninja’s – zitten elkaar met snedige oneliners op de hielen in iets te weelderige ansichtkaartdecors. En anders dan onlangs in Clash of the Titans, zo verliefd op computereffecten dat er voor mensen geen ruimte was, hebben de karakters ruimte om te ademen. Die ruimte blijft onbenut. Naast prins Dastan, die geen zindering bij de geplastificeerde prinses Tamina (Gemma Arterton) wekt, toont sir Ben Kingsley dat hij het alleen voor het geld doet. Dan rest slechts het zielloze skelet van een Jerry Bruckheimer-spektakel in het woestijnzand.