Orde Thailand oppervlakkig hersteld

Het protest in Bangkok is neergeslagen. Maar het probleem voor de regering Abhisit ligt op het platteland. Verkiezingen lijken onafwendbaar.

In het centrum van Bangkok smeulden vandaag nog de restanten van Central World, met een vloeroppervlak van 550.000 vierkante meter de grootste shopping mall van Zuidoost-Azië. Het is een symbool voor neergeslagen rebellie van de oppositiebeweging van de ‘rode shirts’ tegen de regering van de Thaise premier Abhisit. Na tien weken verklaarden de Thaise autoriteiten vandaag dat zij de orde hebben hersteld.

Acht aanvoerders van de ‘rode shirts’ hebben zich overgegeven. Ten minste 75 mensen – vooral burgers – zijn gedood, waarvan 46 sinds vorige week donderdag toen het geweld oplaaide. Naar schatting zo’n 1.800 burgers zijn gewond geraakt.

Voor het eerst sinds de grootschalige ongeregeldheden in 1992 toen de middenklasse massaal in verzet kwam tegen de toenmalige premier, generaal Suchinda, is een avondklok van kracht in Bangkok. En in 27 provincies, vooral in het achtergebleven noordoosten van het land, is een noodtoestand van kracht. Daar gingen gisteren ook op verschillende plaatsen lokale bestuurskantoren in vlammen op.

Niet veel mensen denken dat met de gewelddadige ontruiming van het centrum van Bangkok, en met de noodmaatregelen elders in Thailand, de orde structureel is teruggekeerd.

De vraag is wat de achterliggende weken in de straten van Bangkok te zien was. Een land op de rand van burgeroorlog? Zoals een van de leiders van de roodhemden vorige week zei. Of een theaterstuk opgevoerd tussen demonstrerende burgers en ordetroepen?

De demonstranten zijn nu weg maar de onderliggende problemen zijn er nog. Achter de bedrieglijk eenvoudige tegenstelling tussen ‘gelen’ van premier Abhisit en ‘roden’ die oud-premier Thaksin zouden steunen, gaat een complexere werkelijkheid schuil.

De onvrede van de plattelandsbevolking is met het neerslaan van de demonstratie niet weggenomen, zoals de Australische Thailand-specialist Andrew Walker gisteren in The Wall Street Journal betoogde. De meeste Thai, tweederde van de bevolking, leven op het platteland. Het onderliggende sociale conflict in de Thaise maatschappij blijft.

Dat conflict is de tegenstelling tussen boeren die weliswaar niet meer straatarm zijn, maar wel in welvaart zijn achtergebleven bij de stedelijke middenklasse. De ongelijkheid is het grootst in de provincies in het noorden en noordoosten van het land, precies het gebied waar de rode shirts een grote aanhang hebben. Walker wijst er bovendien op dat mensen uit deze gebieden het beu zijn door stedelingen te worden behandeld als domoren die hun stem verkopen aan de hoogst biedende partij.

Oud-premier Thaksin, de puissant rijke telecommunicatietycoon die in 2001 en 2006 met zijn Thai Rak Thai-partij overweldigende verkiezingsoverwinningen behaalde, werd in 2006 door militairen terzijde geschoven. Hij heeft zijn populariteit te danken aan het feit dat hij de mensen van het platteland niet langer cultureel marginaliseerde maar hen centraal stelde in zijn politieke aanpak.

Hij is een belangrijke speler op de achtergrond van de huidige Thaise crisis. De definitieve veroordeling van Thaksin, eind februari wegens corruptie, was ook de directe aanleiding van de demonstraties die nu zijn beëindigd.

Van de zijde van de Thaise regering is steeds gezegd dat Thaksin zelf degene is die de afgelopen weken achter de onrust in Bangkok zat. Analisten geloven echter dat het niet aannemelijk is dat de oud-premier vanuit het buitenland, waar hij sinds 2006 verblijft, de demonstraties kon aansturen. De vraag is ook opgeworpen of de demonstranten van de roodhemden niet door andere grote bedrijven zijn gesubsidieerd, omdat zij hun toekomstige belangen willen veiligstellen.

Feit is dat premier Abhisit vorige week verkiezingen heeft toegezegd voor november, een jaar eerder dan gepland. Die toezegging heeft hij ingetrokken op het moment dat de aanvoerders van de roodhemden extra voorwaarden gingen stellen. Zo zou de vicepremier zich moeten aangeven bij de politie wegens het gewelddadig optreden van het veiligheidsapparaat in april. En ook wilden de aanvoerders van de roodhemden zichzelf vrijwaren van vervolging wegens terrorisme, waarop de doodstraf kan staan in Thailand.

Maar om uit de cyclus te komen van demonstraties en tegendemonstraties, zo betoogde de Australische oud-minister Downer (Buitenlandse Zaken) vandaag, kan Abhisit maar één ding doen: verkiezingen uitschrijven. Ook al betekent dat zijn eigen politieke ondergang.