Nieuwe hei, met vetblad en helikopters

Nabij Tilburg is van driehonderd hectare ‘ecologische woestijn’ weer natuur gemaakt. Maar er is nog wel wat te doen.

De natuur is klaar, u kunt erin. Achttien jaar lang is de Loonse Hei tussen Waalwijk en Tilburg ontsierd door hijskranen en bulldozers. De weilanden en maïsakkers, ooit aangekocht door Vereniging Natuurmonumenten, zijn omgetoverd tot moeras. Er zijn ruim twintig vennen gegraven. Er is een uitkijktoren en er zijn vogelkijkschermen. Er zijn wandelroutes uitgezet en over een vlonderpad boven de vennen is het goed slenteren.

De bulldozers zijn weg en het is stil. Honderd jaar geleden gingen natte heide en de vennen verloren bij een grootschalige ontginning. Nu is de natuur hersteld. Boswachter Lex Querelle en ecoloog Peter Voorn horen de eerste kikkers van het seizoen voorzichtig kwaken. Buizerds vliegen op. Op de grond de roestkleurige zonnedauw, een plantje dat insecten eet. Op het water van de vennen glinstert de witte waterranonkel en erboven zweven nerveuze libellen, de eerste van het jaar.

Echt enthousiast worden de natuurkenners bij het zien van het heidekartelblad. „Wat leuk dat die in bloei staat”, verzucht Voorn bij het zien van de roze blaadjes. En daar: „Vetblad!”, roept boswachter Querelle uit. Ooohs en aaahs zijn niet van de lucht.

„Ik vind dit fantastisch”, zegt Voorn. „Vetblad is een verschrikkelijk delicaat plantje. Ik heb het alleen een keer in de Pyreneeën gezien, maar hier nog nooit.”

Querelle: „Alleen in heel goede milieuomstandigheden kan hij opkomen.”

Het plan Lobelia, genoemd naar een plantje dat hier nu weer volop bloeit, werd gemaakt kort na de introductie van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) begin jaren negentig, het netwerk van natuurgebieden waarvan de Loonse Hei nu deel uitmaakt. Hier is nu driehonderd hectare nieuwe natuur beschikbaar, in de directe omgeving van ongeveer driehonderdduizend stedelingen. „Een ecologische woestijn is veranderd in een natuurparel”, jubelt Natuurmonumenten.

Niet dat er niets meer te doen valt. In de verte wordt de horizon vervuild door het Tilburgse industrieterrein Vossenberg. „Daar gaan we een bos planten”, belooft boswachter Querelle. Ook ligt er nog een flinke hoop zand die is bedoeld om straks, als de laatste boer is uitgekocht, het laatste deel van een enorme afwateringssloot mee dicht te gooien. Hinderlijk zijn ook de hoogspanningsmasten aan de randen van het gebied. En dan is er nog de dreiging van de verbreding van een kanaal in de buurt, het Wilhelminakanaal. Door het verdwijnen van een sluis kan de waterstand anderhalve meter zakken. Querelle: „Het kanaal heeft voor dit natuurgebied nu nog een infiltrerende werking, maar straks heeft het misschien een drainerend effect.”

Onvermijdelijk is kennelijk de aanwezigheid van helikopters. Vanaf de nabijgelegen militaire vliegbasis Gilze-Rijen knallen ze klapwiekend over het gebied. „Daar schijnen hagedissen doof van te worden”, zegt Querelle.