Hoe diep mag de euro duiken van Obama?

Een dalende euro schaadt de economie van de VS. Maar de daling is niet de opzet van de Europese politici. Daarom zal Obama ze nog even respijt geven, denkt Melvyn Krauss.

De opstelling van de regering-Obama jegens Europa heeft een dramatische wijziging ondergaan. De ‘welwillende veronachtzaming’ die kenmerkend was voor de eerste maanden, heeft plaatsgemaakt voor de angst dat de crisis van de Europese staatsfinanciën de Atlantische Oceaan oversteekt en Amerika zal infecteren. Volgens berichten in de media zou Washington de Europese politici het signaal hebben gegeven hun meningsverschillen te beslechten en akkoord te gaan met het historische steunpakket van 1 biljoen dollar, bestaande uit leningen en kredietgaranties, in hun strijd tegen de besmetting.

Het doet denken aan de vroege dagen van de Tweede Wereldoorlog, toen een isolationistisch Amerika dacht de Europese desintegratie veilig de rug te kunnen toekeren, tot verstandiger geesten beseften dat de problemen van Europa ook die van Amerika waren.

Obama’s aanvankelijke veronachtzaming van de Europese belangen, toen hij ervoor koos de dollar te laten devalueren om de Amerikaanse werkgelegenheid in de exportsector een steuntje in de rug te geven, bleek trouwens allesbehalve ‘welwillend’ als het om de consequenties voor Europa ging.

De Europese Monetaire Unie is altijd een fragiel bouwwerk geweest, dat slechts een beperkt aantal schokken aankon, voordat het zou barsten. De wisselkoers van 1,60 dollar voor een euro bleek de schok die de rug van de kameel brak, waardoor het Europese zuiden van het noorden werd gescheiden. Zelfs de Duitsers hadden moeite om hun export op gang te houden toen de koers zo overdreven hoog was. Nu maakt de gemeenschappelijke munt een duikvlucht, terwijl beleggers de mogelijkheid overdenken dat de eurozone uiteen zou kunnen vallen. Die duikvlucht is goed voor Europa, omdat de dalende euro momenteel Europa’s meest effectieve instrument is voor het genereren van economische groei ter dekking van de begrotingstekorten.

Hoe meer de overwaardering van de munt wordt gecorrigeerd, des te robuuster de Europese export zal worden – en het is niet alleen Duitsland dat daarvan profiteert. Het Europese zuiden heeft ook baat bij de lagere euro, zowel direct (het zal deze zomer in Griekenland een druk toeristenseizoen worden) als indirect, want een hogere Duitse groei betekent méér Duitse importen uit Griekenland, Spanje, Portugal en Italië.

Maar de wisselkoers van de euro zal nog veel verder moeten zakken (misschien wel tot één op één met de dollar) voordat de groei voor Europa een echte deuk kan slaan in de begrotingstekorten.

Hoeveel waardedaling van de euro is de regering-Obama bereid te tolereren, voordat zij beslist dat het mooi is geweest? Washington doet ertoe, want de Amerikaanse overheid kan de afkalving van de euro een halt toeroepen door in te grijpen op de valutamarkten.

De zorg van Obama voor de beperking van de crisis van de Europese staatsfinanciën, is bijna een garantie dat de Verenigde Staten niet snel protest zullen aantekenen tegen een aanhoudende waardevermindering van de euro. Bovendien presteert de Amerikaanse economie veel beter dan velen hadden verwacht. Zij verkeert in een betere positie om de gevolgen voor de concurrentiekracht van de waardestijging van de dollar te absorberen dan aan het begin van het presidentschap van Obama.

Het is ook van belang dat de daling van de euro geen beleid op kosten van andere landen is, dat ten doel heeft om oneerlijk handelsvoordeel te behalen. Het is eerder een symptoom van de crisis van de staatsfinanciën, die Europa uit elkaar doet vallen. Dat maakt het voor Washington makkelijker deze gang van zaken te aanvaarden.

Toch komen er nog steeds isolationistische geluiden uit het Amerikaanse Congres. „Griekenland is op geen enkele manier te groot om failliet te mogen gaan”, zei de indiener van een voorstel dat met 94 stemmen tegen 4 in de Amerikaanse Senaat werd aangenomen, om te verzekeren dat Amerikaans belastinggeld niet zou worden gespendeerd aan het redden van Europa.

Het antwoord van de Amerikaanse minister van Financiën Timothy Geithner dat de Verenigde Staten „er groot belang bij hebben Europa te helpen zich door deze crisis heen te slaan”, was zowel correct als geruststellend. Hij klinkt niet als een man die zich door isolationistische belangen laat gijzelen om de neergang van de euro niet uit de hand te laten lopen. Het kost de Amerikaanse belastingbetaler ook niets.

Het tegengaan van besmetting brengt Amerika en Europa vandaag de dag dichter bij elkaar, net zoals de strijd tegen het fascisme ons zeventig jaar geleden heeft verenigd.

Melvyn Krauss is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit van New York, en is tevens verbonden aan het Hoover Instituut van de Stanford Universiteit.