Giro op z'n kop, maar bijrol voor Italianen

Een spectaculaire vlucht in de Abruzzen leidde tot grote verschuivingen in de Giro.

Italiaanse renners konden ook in elfde rit niet winnen.

Tot drie keer toe stamelde Richie Porte, de nieuwe drager van de roze leiderstrui in de Ronde van Italië, gisteren in aankomstplaats L’Aquila hetzelfde. „Incredible.”

Ongelofelijk was het zeker, het slagveld dat ontstond in de elfde en langste etappe van de 93ste Giro, over 262 kilometer door het middelgebergte van de Apennijnen. Een vroege uitbraak van uiteindelijk 56 renners, met toppers als Carlos Sastre en Bradley Wiggins, die in het klassement al op grote achterstand stonden. Een maximale voorsprong van liefst 18 minuten; een finale met kou en hevige regenval, langs ingestorte huizen in de vorig jaar door een zware aardbeving getroffen Abruzzen; Russische ritwinst: Jevgeni Petrov. En de Australische debutant Porte (25) nam de roze trui over van Aleksandr Vinokoerov, die in de groep met favorieten op ruim twaalf minuten over de finish droop en terugzakte naar de twaalfde plaats in het klassement op 9.58 minuut van Porte.

En de Italiaanse renners? Halverwege de Giro hebben ze nog geen rit gewonnen. Nooit eerder moesten de tifosi langer wachten op een ritzege van een landgenoot. Tot nu toe dateerde het ‘record’ uit 1973, midden in het tijdperk van de grote Eddy Merckx, toen Gianni Motta het eerste Italiaanse dagsucces behaalde in de zesde etappe.

Het Italiaanse Liquigas, met drie buitenlanders, won vorige week de ploegentijdrit. Kopman Vincenzo Nibali droeg een paar dagen de roze trui. Er waren de laatste dagen volop tweede plaatsen: Damiano Cunego in de rit over de onverharde strade bianche in Toscane, Simone Stortoni op de Monte Terminillo, Filippo Pozzato en Fabio Sabatini in de sprint, en gisteren Dario Cataldo in het kletsnatte L’Aquila. De Giro eindigt pas op 30 mei in Verona. Maar de Italianen spelen tot nu toe meer dan ooit een bijrol in hun eigen ronde.

Vorig jaar nog draaide alles in de Abruzzen juist om de Italiaanse toprenners, die tijdens een rustdag de daklozen in de getroffen gebieden bezochten. Danilo di Luca, kind van de streek, zette een actie op touw en zamelde 100.000 euro in. Als een volksheld glorieerde de gems van de Abruzzen in L’Aquila in zijn paarse puntentrui, Stefano Garzelli toonde er het volk trots de groene trui van het bergklassement.

Di Luca (34) doet dit jaar niet meer mee. De Giro-winnaar van 2007 werd twee maanden na zijn tweede plaats van vorig jaar positief bevonden op cera, een variant van het verboden eiwithormoon epo. Zijn generatiegenoot Davide Rebellin (38) mag om dezelfde reden niet meedoen. Paolo Savoldelli en Paolo Bettini, die met hen sinds 2000 menig Giro kleur gaven, zijn al weer even gestopt.

Gevleugelde klimmers als Riccardo Ricco en Emanuele Sella dienden zich aan als nieuwe potentiële helden voor de Italiaanse tifosi, maar werden wegens doping geschorst en doen deze Giro niet mee. Michele Scarponi en Ivan Basso keerden vorig jaar juist terug nadat ze hun straf hadden uitgezeten. Zij probeerden zondag in de eerste bergrit even een aanvalletje, nog zonder succes. Inmiddels staan de volgende Italiaanse toppers alweer op non-actief omdat ze van doping worden beschuldigd: ex-wereldkampioen Alessandro Ballan en, vlak voor de start in Amsterdam, Tour-bergkoning Franco Pellizotti.

Giro-directeur Angelo Zomegnan legt een rechtstreeks verband tussen de tegenvallende Italiaanse prestaties en doping. „Er wordt met twee maten gemeten", zei hij tegen het Franse persbureau AFP. „In Italië worden renners veel meer gecontroleerd dan in de rest van de wereld. In tegenstelling tot Italië laten andere landen renners soms onbestraft.”

De argumentatie van de Zomegnan lijkt op die waarmee de Fransen eind jaren negentig spraken van cyclisme à deux vitesses, wielrennen op twee snelheden. De Franse renners zouden geen successen meer kunnen behalen in de Ronde van Frankrijk omdat de buitenlandse renners doping zouden gebruiken. Maar ook met de huidige keiharde aanpak van het dopingprobleem wordt de Tour gedomineerd door buitenlanders.

Ook Zomegnan, die veel geld verdiende met de eerste drie ritten in Nederland, heeft te maken met de internationalisering van de wielersport. Tot nu toe waren de ritzeges voor Amerika, Australië, Groot-Brittannië, Denemarken en België. La maglia rosa ging gisteren over van een Kazach (Vinokoerov) op een Australische voormalig triatleet (Porte), met een Spanjaard (David Arroyo) en een Kroaat (Robert Kiserlovski) op plaats twee en drie in het klassement.

En dan hebben de Italianen nog ‘geluk’ dat veel internationale toppers de prestigieuze Ronde van Californië verkiezen boven de Giro. De Amerikaan David Zabriskie won gisteren in Santa Cruz een spectaculaire etappe en pakte de leiderstrui. Daarmee deelde Garmin een tik uit aan de erfvijanden van RadioShack van Lance Armstrong en Levi Leipheimer, de laatste drie jaar eindwinnaar in Californië. In tegenstelling tot de Italianen in de Giro heersen de Amerikanen nog wel in hun eigen ronde.