China en de VS verder uit elkaar

De jongste gespreksronde tussen China en de Verenigde Staten is begonnen met iets dat nauwelijks controversieel is: groene technologie. Dat hebben beide grote vervuilers immers hard nodig.

Maar als beide partijen volgende week hun Strategische Economische Dialoog beginnen, zouden de besprekingen wel eens moeizamer kunnen worden. De consensus, die in april nog mogelijk leek over de grote onderwerpen die tussen China en de VS spelen, is als sneeuw voor de zon verdwenen.

Gary Locke, de Amerikaanse minister van Handel, is zo verstandig geweest zijn eerste handelsmissie van start te laten gaan op een ‘groen’ platform. De Verenigde Staten hopen dat de verkoop van groene technologie aan China het tekort op de bilaterale handelsbalans van 227.000 miljard dollar per jaar kan helpen verlagen en tegelijkertijd een bijdrage kan leveren aan de Chinese pogingen om zuiniger met energie om te gaan. Diplomatiek gezien is dat een makkelijk te behalen triomf.

Maar de echte doelstellingen van Washington lijken lastiger te verwezenlijken. Eén daarvan is een stijging van de wisselkoers van de Chinese munt, de yuan, die al sinds 2008 aan die van de dollar is vastgeklonken. Een andere is het herstellen van het evenwicht in de Chinese handel met het buitenland. De regering-Obama heeft behoefte aan vooruitgang op deze twee terreinen vóór de Congresverkiezingen van november.

Nog maar een maand geleden lag een compromis in het verschiet. Minister van Financiën Tim Geithner leek een belofte van Peking te hebben verkregen om de yuan op te waarderen, toen hij een rapport op de lange baan schoof, waarin China werd afgeschilderd als ‘valutamanipulator’.

Maar sindsdien heeft de crisis van de eurozone een wig tussen beide landen gedreven. De financiële problemen van Europa maken het herstel van China breekbaarder, aldus premier Wen Jiabao op 18 mei. Het op de export gerichte Chinese ministerie van Handel heeft onlangs opgemerkt dat de wisselkoers van de yuan ten opzichte van de euro dit jaar tot nu toe met bijna 14,5 procent is gestegen. Peking kan dus betogen dat het al heeft gezorgd voor een scherpe waardestijging van zijn munt ten opzichte van die van zijn grootste handelspartner.

Bovendien is de handel van China met de rest van de wereld, ondanks het feit dat de Verenigde Staten nog steeds gebukt gaan onder een groot handelstekort, dankzij de snelle groei van de import meer in evenwicht gekomen. In maart was zelfs sprake van een klein tekort op de handelsbalans en in april van een mager overschot van 1,7 miljard dollar. De regering in Peking kan dus aanvoeren ook op dit terrein al te hebben gedaan wat van haar werd verlangd.

Washington zal nog steeds hopen op een vriendelijke ontvangst volgende week. Geithner meent dat een flexibeler wisselkoers óók in het belang van China is. Maar zijn Chinese gesprekspartners zijn wellicht niet bepaald genegen om concessies te doen. Afgezien van de gemeenschappelijke belangstelling voor groene technologie lijken beide partijen verder van elkaar verwijderd dan ooit.

Wei Gu

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com