Verbolgenheid in Iran over akkoord over sancties

Op de Iraanse aanvaarding van een nucleair akkoord volgde een dag later de aankondiging van sancties. ‘Een klap in het gezicht’ noemde een analist de Amerikaanse mededeling.

In Iran hebben analisten en experts verbaasd en boos gereageerd op de Amerikaanse aankondiging dat de permanente leden van de VN-Veiligheidsraad het eens zijn over de inhoud van nieuwe sancties tegen de islamitische republiek. De mededeling kwam een dag nadat Iraanse, Braziliaanse en Turkse leiders juist een compromis over het controversiële Iraanse nucleaire programma hadden gesloten.

„Het is alsof de Verenigde Staten, Brazilië en Turkije een klap in het gezicht geven en hen vervolgens ook nog eens bespugen”, zei Mohammad Marandi, het gezaghebbende hoofd van de afdeling Noord-Amerikaanse studies aan de Universiteit van Teheran.

Hij voorspelde „ongekende woede” in Iran en zei dat de neergaande spiraal in de relaties tussen Iran en het Westen nu moeilijk te stoppen is. „Dit zou binnen een paar maanden tot een militair conflict kunnen leiden. Er was het begin van een oplossing, nu zullen alle partijen zich dieper ingraven”, zei Marandi, die het Iraanse nucleaire beleid volledig steunt.

De chef van het Iraanse nucleaire programma, Ali Akbar Salehi, zei vandaag dat de grote mogendheden „zich in diskrediet brengen” door aan sancties te blijven werken ondanks het akkoord van maandag. „De kwestie van sancties is een gepasseerd station”, zei hij. De „opkomende landen” kunnen volgens hem tegenwoordig hun rechten op het internationaal toneel verdedigen zonder dat ze de grote mogendheden nodig hebben, en dat is voor die grote mogendheden „ moeilijk te accepteren”.

Om internationaal vertrouwen te winnen ging Iran er maandag na bemiddeling van Brazilië en Turkije mee akkoord het grootste deel van zijn voorraad laag verrijkt uranium naar Turkije te sturen. Op zijn beurt zou het dan nucleaire brandstof voor de onderzoeksreactor in Teheran ontvangen. De reactor produceert medische isotopen.

Met gebalde overwinningsvuisten gingen de leiders van de drie landen met elkaar op de foto. Het was de eerste keer in zes jaar dat Iran bereid was een compromis aan te gaan over een onderdeel van zijn nucleaire programma. In ruil werd er onder andere een expliciete erkenning van het Iraanse recht op het verrijken van uranium in het slotakkoord opgenomen.

Gisteren kwam het antwoord van de Verenigde Staten: nieuwe sancties tegen Iran, die worden gesteund door de vier andere permanente leden van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties.

De staatstelevisie, duidelijk nog wachtend op de officiële lijn van de Iraanse regering, meldde de nieuwe sanctieronde verstopt in het belangrijkste nieuwsbulletin van gisteravond.

„Clinton zei niets nieuws over de overeenkomst die in Teheran is gesloten”, zei een presentator over de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken die gisteren in de Senaat in Washington de nieuwe sancties aankondigde. „De Verenigde Staten zijn geschokt over deze diplomatieke coup. Ze zullen doorgaan met hun gebruikelijke trucs. China, daarentegen, heeft al gezegd het akkoord te steunen.”

Eerder die dag liet woordvoerder Ramin Mehmanparast van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken weten geen uranium naar Turkije te sturen als de Braziliaans-Turkse overeenkomst niet zou worden gesteund door Amerika, Rusland en Frankrijk, de oorspronkelijke bedenkers van de ruil.

„We gaan ervan uit dat deze landen de overeenkomst direct zullen steunen”, zei hij gisteren voor de bekendmaking van het akkoord over nieuwe sancties. De Franse president Sarkozy heeft het akkoord „een positieve stap” genoemd.

Tegenstanders van de Iraanse regering reageerden verbaasd op Clintons mededeling. „Veel mensen zullen concluderen dat Amerika duidelijk geen oplossing zoekt, en verregaande problemen met Iran heeft”, zei Abbas Abdi, een hervormingsgezinde oud-journalist en analist.

Voor Iraanse burgers is de domper groot. Tijdens een diner in Teheran was de sfeer gisteren bedrukt. „Natuurlijk heeft president Ahmadinejad veel te laat een handreiking gedaan”, zei een vrouwelijke manager. „Maar ik had gehoopt dat de westerse landen deze kans op detente zouden grijpen. Onze toekomst wordt steeds onzekerder.”