Thaise democratie

Het was niet zozeer de vraag of het leger van Thailand zou proberen op gewelddadige wijze een einde te maken aan de bezetting van een deel van de hoofdstad Bangkok, maar wanneer. Dat bleek vandaag te zijn.

De leiders van de opstandelingen, de ‘roodhemden’, hebben zich overgegeven. Hun tentenkamp in het centrum van de stad is vermoedelijk ontruimd en bij deze acties zijn, zoals te vrezen viel, doden en gewonden gevallen. Zij kunnen worden opgeteld bij de tientallen slachtoffers die de afgelopen maanden al te betreuren waren. Het was een militaire operatie in het oorlogsgebied waarin dit deel van het centrum van Bangkok was veranderd.

Hoewel het buitengewoon onrustig bleef in Bangkok, lijkt het centrum van de hoofdstad terug te vallen in handen van de regering die dus, sommige geruchten ten spijt, nog altijd op voldoende steun van het leger kon rekenen. Maar daarmee is de opstand nog niet gesmoord. Dat werd vandaag al direct bewezen door brandstichtingen in Bangkok en door de bestorming van enkele stadhuizen in het noordoosten van het land. Oftewel: Thaksin-gebied, het Thaise platteland waar de roodhemden als aanhangers van de oud-premier grotendeels vandaan komen.

Het geweld van vandaag en al eerder in het hopeloos verdeelde Thailand vloeit voort uit het onvermogen van de regering en de rebellen om tot een compromis te komen, hoewel dat enkele keren binnen handbereik scheen te zijn. Intussen zijn de Thai zelf uiteraard het grootste slachtoffer van deze burgeroorlog, want een belangrijke bron van inkomsten, het toerisme, valt steeds meer droog als gevolg van het geweld.

Is er een oplossing voor deze crisis? Zeker niet een-twee-drie. Van koning Bhumibol (82), in het verleden een gezaghebbende vredestichter, wordt niets vernomen: hij ligt al geruime tijd in het ziekenhuis.

Het is te hopen dat premier Abhisit bij zijn toezegging blijft om dit jaar vervroegde verkiezingen uit te schrijven. De legitimiteit van zijn regering was niet zonder reden de inzet van de rebellie. Vervroegde verkiezingen zouden daarover duidelijkheid kunnen bieden. Hoewel het de vraag is of westerse maatstaven van toepassing kunnen zijn op dit Zuidoost-Aziatische land, waar militairen al diverse malen via coups tijdelijk de macht naar zich toetrokken.

In Thailand gaat maar weinig zoals het ‘hoort’. Om een complicerende factor te noemen: de Democratische Partij van Abhisit moet volgens de Verkiezingscommissie worden ontbonden, omdat zij illegaal donaties zou hebben aangenomen. In het verleden werden partijen die aan Thaksin waren gelieerd, al verboden. En deze oud-premier zelf, die wegens corruptie is veroordeeld, verblijft al geruime tijd in ballingschap in het buitenland.

Thailand heeft verkiezingen nodig die eerlijk verlopen en een uitslag krijgen die ook door de verliezers wordt geaccepteerd. Zoiets heet democratie. De actuele vraag is evenwel of zo’n democratie in dit land meer kan zijn dan schijn.