Onbehouwen gejaag van opgefokte Volodin

Concert: Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Christoph König, Alexei Volodin, piano. Gehoord: 17/8, Concertgebouw, Amsterdam. Herhaling: 18/5 aldaar. Recital: 25/5 Arnhem. ***

„Een pianist met een januskop”, schreef een recensent naar aanleiding van het debuut van Alexei Volodin (1977) in het Concertgebouw in 2008. Maar toen hij een half jaar later voor het eerst optrad in de Serie Meesterpianisten reageerde de pers unaniem lovend. Wisselvalligheid is blijkbaar Volodins handelsmerk, want de manier waarop hij Tsjaikovski’s Pianoconcert dit keer te lijf ging was onvergeeflijk. De octavenpassages werden eruit gebeukt, waarna de dialoog met het orkest sneuvelde door Volodins onbehouwen gejaag.

De Duitse dirigent Christoph König, plaatsvervanger van de zieke Yakov Kreizberg, slaagde erin het geraas met orkest en al bij te houden. Maar de romantische lyriek van Tsjaikovski kon niet ademen en open bloeien door de opgefokte pathetiek van Volodin.

In het langzame deel klonken er een paar mooie passages, maar in de finale deed Volodin opnieuw een wedstrijdje wie het eerst de eindstreep zou halen. Bonkende akkoorden, uit elkaar gerukte thema’s en opgeschroefde orkestpassages waren het troosteloze resultaat. König en het orkest hadden het complete openingsdeel van de Tweede symfonie van Sibelius nodig om weer tot zichzelf te komen. De aanzwellende en weer wegstromende beweging was meteen al geloofwaardig, maar het orkest moest als een gewond dier eerst zijn gezonde klank zien te hervinden. Dat lukte, niet in de laatste plaats door de bekwame leiding van König, steeds beter in de overige delen, zodat Sibelius sonoor en warm uit de partituur oprees als een expressieve ‘klankschilder’ van de ongenaakbare landschappen van het Hoge Noorden.