Met jade op z'n tanden

Amerikaanse archeologen hebben een graf van zeker 2.500 jaar oud ontdekt.

Stof voor discussie over de oorsprong van Midden-Amerikaanse culturen.

De tanden van de man zijn ingelegd met witte jade of zeeschelpen. De rest van zijn skelet is versierd met rood pigment en bedekt met sieraden van jade en amber. Archeologen weten het daarom zo goed als zeker: dit was een hoofdman, die een jaar of vijftig oud is geworden. In het graf lagen de skeletten van twee volwassenen en een kind. Net buiten de tombe lag een vierde skelet.

De opzienbarende vondst is volgens de opgravers een vroeg voorbeeld van sociaal onderscheid en politieke centralisatie in Midden-Amerika.

Het skelet buiten de tombe, een vrouw van ook ongeveer vijftig jaar, was net als dat van de hoofdman rijk versierd, onder andere met pyriet. Op het skelet van de hoofdman zelf lag het lichaam van een eenjarig kind. Een vierde skelet behoort toe aan een twintigjarige man, min of meer neergegooid. Archeologen vermoeden op grond van die nonchalante behandeling ook wat hij was: een mensenoffer.

De vondst is gedaan in Chiapa de Corzo, in de zuidelijke deelstaat Chiapas. Archeologen onderzochten wat eens een negen meter hoge piramide was, toen ze op de tombe stuitten. Op basis van het aardewerk in de drie bij vier meter grote tombe dateren de archeologen het graf en de piramide tussen 700 en 500 voor Christus. Daarmee is deze vondst de oudste in zijn soort sinds de ontdekking in 1948 van het duizend jaar jongere piramidegraf van de Maya-heerser Pakal in het naburige Palenque.

Voor de Midden-Amerikaanse archeologie betekent de vondst volop stof voor wetenschappelijke discussie over de oorsprong en verspreiding van cultuuruitingen in het gebied.

De opgravers denken dat de Zoque, wier indianentaal in het gebied nog steeds wordt gesproken, de piramide hebben gebouwd. Mogelijk stammen ze af van de Olmeken, die van 1.400 tot 400 voor Christus in het gebied bij de Golf van Mexico heersten.

De onderzoekers zien in het aardewerk namelijk overeenkomsten. Ook zij bouwden piramides, maar die zijn nooit goed onderzocht. Wegens de hoge waterstand en vochtigheid in dat gebied is men er altijd van uitgegaan dat eventuele menselijke resten niet behouden zijn. Het is dus niet bekend of die piramides ook graftombes bevatten.

De opgravers houden er echter ook rekening mee dat het toch om een eigen cultuuruiting van de Zoque gaat. De bouw van de tombe met één stenen muur en drie zijden van klei lijkt namelijk niet op de stijl van bekende Olmeken-graven.

Lang is de Olmeken-cultuur als de moedercultuur van veel Midden-Amerikaanse culturen gezien, maar de laatste jaren gaan ook stemmen op dat er gelijktijdig op verschillende plekken sociale en culturele ontwikkelingen zijn geweest.

Bekijk foto’s van de opgravingen en het aardewerk via inah.gob.mx