Eerst feestje, dan de strijd

Erica Terpstra nam gisteren afscheid bij NOC*NSF.

De feestelijke stemming rond haar vertrek verhulde de machtsstrijd die binnen de sportkoepel is ontbrand.

Het afscheid van Erica Terpstra bij NOC*NSF werd gisteren het markeringspunt voor een nieuw begin van de sportkoepel. Tijdens de laatste door Terpstra geleide algemene ledenvergadering werd goedkeuring verleend aan een plan van aanpak, dat moet leiden tot een ingrijpende veranderingen bij NOC*NSF. Er zijn sterke aanwijzingen dat er een paleisrevolutie op stapel staat.

De feestelijke stemming rond het vertrek van Terpstra verhulde gisteren de machtsstrijd die binnen NOC*NSF is ontbrand. De sportbonden hebben de voorzitterswisseling tussen Terpstra en André Bolhuis aangegrepen om meer invloed op te eisen. Zij vinden dat er een eind moet komen aan de dominante rol van NOC*NSF.

De bonden krijgen vrijwel zeker hun zin, want over een half jaar komt een commissie – de zogeheten Taskforce – met voorstellen over de kerntaken, de bestuurssamenstelling, de organisatie van NOC*NSF en de besteding en het beheer van de gelden. Tijdens de algemene najaarsvergadering in november moet de reorganisatie haar beslag krijgen.

Het staat vast dat het NOC*NSF-bestuur van samenstelling wordt veranderd. Het is een harde eis van de bonden dat zij daarin vertegenwoordigd worden. In het meest verstrekkende geval zou dat kunnen leiden tot een aftreden van alle bestuursleden, minus Bolhuis die de bonden bewust naar voren hebben geschoven als opvolger van Terpstra.

De nieuwe voorzitter speelt een cruciale rol in het machtsspel. Bolhuis is vertrouweling van de bonden, heeft zitting in de Taskforce en heeft Gerard Dielessen als nieuwe directeur binnengehaald om het vernieuwingsproces mede vorm te geven.

„Het wordt nog een heel gevecht”, zei Bolhuis gisteren na afloop van de voorjaarsvergadering over de toekomstige koers. „Maar dat gebeurt nu eenmaal bij organisaties als NOC*NSF. Ik noem dat de wet van het terugkerende gedoe. Op een goed moment ontstaat er onrust en is het tijd voor veranderingen. Nee hoor, ik heb daar geen moeite mee; ik ben niet belust op macht. Ik vind NOC*NSF hét toneel voor de sport waarin wij als koepel de ene keer vooraan staan en de sportbonden de andere keer.”

Het grootste gevecht zal Bolhuis met zijn medebestuursleden moeten leveren. Die voelen in meerderheid weinig voor meer bondsinvloed. Maar de bonden op hun beurt denken dat die stroming binnen het bestuur geen keus heeft als zij met Bolhuis en Dielessen één front vormen.

Daarnaast is er nog een punt van ergernis. Ruud Bruijnis van de voetbalbond vertelde dat de bonden de feestelijke stemming rond het afscheid van Terpstra niet wilden bederven, maar dat zij anders fel van leer waren getrokken tegen de afkoopsom voor de vertrokken directeur Theo Fledderus. Het verhaal gaat dat hij een premie van tussen de 600.000 en 800.000 euro heeft meegekregen. De bonden vinden dat een onacceptabel hoog bedrag en eisen een verklaring. Bestuurslid Leo van Wijk zegde op verzoek van de zwembondvoorzitter Erik van Heijningen toe dat hij de financiële commissie tekst en uitleg zal geven.

Maar die zaken kregen iets minder aandacht dan Terpstra. Zij kreeg veel lof toegezwaaid en werd benoemd tot erelid van NOC*NSF, een onderscheiding die haar ontroerde. Daarnaast was Geert van Maanen, secretaris-generaal van het ministerie van VWS, naar sportcentrum Papendal gekomen om haar te bevorderen tot officier in de orde van Oranje Nassau.