Website blijkt goede aanvulling voor radio

Veel tv-programma’s brengen de belangrijkste informatie over via het oor. Zet maar eens bij een talkshow het volume op nul. U begrijpt er niets meer van. Doe nu het geluid aan en zet het beeld op zwart. Het gesprek is nog steeds uitstekend te volgen. In het verleden werd een tv-avond als een schouwburgbezoek gesavoureerd. Nu staat het apparaat aan, maar ondertussen doet de kijker iets anders. Televisie is radio met een plaatje geworden.

Omgekeerd wordt meer en meer naar de radio gekeken. Luisteraars kunnen op de website van programma’s hun vragen, wensen en klachten kwijt, favoriete onderdelen zijn terug te horen en via een webcam is rechtstreeks de gang van zaken in de studio te zien. Voor het volledig ondergaan van een radioprogramma volstaat het ouderwetse toestel niet meer; er hoort een beeldscherm bij.

In A History of the World in 100 Objects op Radio 4 van de BBC wordt wekelijks een voorwerp uit de collectie van het British Museum besproken. Dat kan een vuistbijl of papyrusrol zijn, maar ook een vroeg-victoriaans theeservies of een creditcard. Je kan online de uitzendingen beluisteren, de besproken collectie bekijken, via links naar andere objecten het beeld van een tijdperk oproepen en zelf voorwerpen toevoegen. Een voorbeeldige combinatie van een radioprogramma en een website.

Radio hield na de komst van de televisie nog lang een voorsprong als snel en wendbaar medium. Met het kleine apparaat was de luisteraar bovendien niet aan huis gebonden – en je kon er nog wat bij doen ook. Door technologische vernieuwing verloor de radio dat voordeel. Nu gaat in Hilversum verreweg het meeste geld en talent naar de televisie, met afstand de populairste informatiebron. Radio is definitief naar het tweede plan verdrongen. Dankzij internet belandde het onzichtbare gesproken woord net niet op het kerkhof van de mediageschiedenis.

Het is ondertussen een wonder dat de Nederlandse publieke omroep – naast een Wereldomroep, een jongerenzender en een handvol provinciale zenders – met ruim twintig zendgemachtigden nog altijd zes landelijke radiozenders in de lucht houdt. Op deze zenders is, tussen veel overbodige onzin, genoeg te horen dat de meerwaarde van het medium bewijst. De paradox van radio is, dat naar een verslag of gesprek luisteren veel indringender kan zijn dan naar het gesprek of verslag kijken. Waar op tv elk woord wordt voorgeproduceerd en aan tijdsdruk onderhevig is, neemt radio rust en ruimte. Radio doet een beroep op de verbeeldingskracht.

Zoals bij de publieke omroep de aandacht altijd uitgaat naar de televisie, gebeurt dat ook op deze plek. Hoog tijd om een week te luisteren.