Alice bleef maar doorgroeien

Alice in Wonderland van Orkater is een ongebruikelijke kindervoorstelling.

Het is een bont aangeklede enscenering, met orkestleden die als figurant meespelen.

„Intussen bleef ze maar groeien, en ten einde raad stak ze één arm het raam uit en één voet de schoorsteen in, en zei bij zichzelf: ‘Nu kan ik niets meer doen, wat er ook gebeurt. Waar moet dat heen met mij’?”

In het kinderboek De avonturen van Alice in Wonderland (1865) van Lewis Caroll neemt Alice toverdrankjes, koekjes en paddestoelen waardoor ze enorm groeit of juist krimpt, en zich van haar lichaam vervreemd voelt. Heel herkenbaar, vindt actrice Tjitske Reidinga, die in de achtste maand van haar tweede zwangerschap is en dus bekend is met de metamorfoses die een vrouw zoal doormaakt.

Ondanks haar positie speelt ze Alice in de nieuwe muzikale bewerking van Holland Symfonia en Orkater, die gisteren in Haarlem in première ging. „Veel mensen raadden het me af om zo zwanger nog het toneel op te gaan, maar ik vond het een wereldaanbieding: met een orkest van vijfenvijftig man optreden. Dat terwijl ik niet bepaald muzikaal ben. En ik word vrolijk van zo’n kindervoorstelling. Als het een zwaar stuk van Lars Norén was geweest, waarin ik met whiskyglazen moest smijten en mezelf halfnaakt moest ophangen, dan had ik het niet gedaan.”

Dat een hoogzwangere moeder van 38 jaar een nuffig meisje van 10 jaar speelt is volgens Reidinga geen aanslag op het inbeeldingsvermogen van het kinderpubliek: „In het begin zeg ik tegen het publiek: ‘Zelf ben ik nogal oud en lang en dik, maar straks doe ik net alsof ik Alice ben’. Dat is voldoende.” Reidinga draagt een lichtblauwe kinderjurk met een verhoogde taille en een flinke petticoat die haar buik enigszins verhult. Ze zet geen kinderstem op, maar geeft met haar lage, dikke stem droog haar zinnen. Reidinga: „Niets is erger dan kindervoorstellingen waarin vrouwen van vijftig met hennaspoeling zich kinderachtig aanstellen, omdat ze denken dat kinderen zo doen. Mij is juist opgevallen dat kinderen heel serieus zijn.”

Verder heeft Reidinga wel de juiste trekken om Alice te spelen, met haar lange blonde haar en de verwonderde of verontschuldigende oogopslag van ‘wat overkomt mij nu weer allemaal?’ Dat liet ze bijvoorbeeld zien als Jet in Ja zuster, nee zuster en als Honey in Wie is er bang voor Virginia Woolf? Maar ze kan ook, net als Alice, kordaat en pinnig zijn, zoals ze bijvoorbeeld demonstreert in de tv-serie Gooische vrouwen en in het stuk De geschiedenis van de familie Avenier. En ze kan ook best een verwend nest zijn, zoals prinsesje Petronella in in het kinderprogramma Klokhuis. Reidinga: „Geestig aan het boek is dat niemand aardig doet tegen Alice. En zelf doet ze ook niet echt aardig. Dat werkt verfrissend.”

De voorstelling is anders dan de gebruikelijke kindervoorstellingen voor orkest. Dit is geen verhaaltje bij de muziek, maar een bont aangeklede enscenering waarbij de orkestleden als figuranten worden ingezet. De Maartse Haas is in zwart leer, de Hoedenmaker draagt vijf hoeden op elkaar, en de Rups zit op zijn eigen staart van skippyballen trekharmonica te spelen. Een van de eerste scènes, de verkiezingswedstrijd, waarbij de Dodo, de Muis, de Papegaai en de andere dieren een chaotische ronde hardlopen, wordt hier verbeeld door het orkest kriskras over het podium te laten rennen, terwijl ze uit het hoofd de ‘Suite Française’ van Darius Milhaud spelen. Als ze van blad spelen, zitten ze op metershoge stoelen, of juist hele lage stoelen.

En passant leidt het orkest de kinderen door zijn brede repertoire, met fragmenten van maar liefs veertien componisten, van Mozart tot Sjostakovitsj – de tweede wals uit de ‘Jazz Suite’, bekend van André Rieu. Verder wat populaire muziek die salonfähig is bij klassiek gericht publiek: Duke Ellington en The Beatles: ‘Fool on the Hill’. Orkater draagt een lied bij uit het eigen verleden: ‘Dichtgevroren vijver’ (1979) van Alex van Warmerdam. Tijdens de Getikte Theevisie bij de Hoedenmaker speelt het orkest de ‘Simple Symphony’ van Benjamin Britten, terwijl de theedrinkers geestdriftig meetikken op bestek en servies.

Als het orkest speelt moet Reidinga vooral veel rondrennen, bijvoorbeeld achter het Witte Konijn aan. Reidinga: „Het mooie van Alice is dat je er zoveel mee kan. Deze bewerking is een soort Alice in Muziekland; met Alice maken de kinderen een reis door de muziekgeschiedenis.” Zelf mag ze helaas niet meezingen: „Eén half, gemompeld liedje. Maar dan roepen alle dieren meteen dat ik vals zing.”

Alice in Wonderland, tournee t/m 31 mei. Bezoekers die Alice heten mogen gratis naar de voorstelling. Zie: www.orkater.nl.