Debat van de week

Debat over duurzaamheid. Door: Vrije Universiteit Amsterdam. Met: Oud-minister Jacqueline Cramer en (oud-)studenten. Auditorium VU, di. 11 mei, 12:00 uur.

Duurzaamheid is overal, maar red je er de wereld mee?

De strijd tegen klimaatverandering kent vele tegenslagen maar één wapenfeit valt niet te onderschatten. De duurzaamheid van het begrip duurzaamheid. Iedereen die ecologisch verantwoord wil overkomen gebruikt die term, die dan ook iets geruststellends heeft. Want hoe ernstig het ook gesteld is met de temperatuur op aarde en het voortbestaan van de blauwvintonijn, de ijsbeer en de oceanische witpunthaai, de term duurzaamheid gaat in elk geval heel lang mee. Je kunt duurzaam ontwikkelen, innoveren, consumeren en ondernemen, duurzaam bouwen en duurzaam slopen.

De term wordt zo uitbundig ingezet dat hij aan zeggingskracht heeft ingeboet. Zie de onzekere antwoorden van studenten die vragen krijgen voorgelegd over duurzaamheid op een filmpje voor een debat op de Vrije Universiteit in Amsterdam. „Wat vind je van duurzaamheid?”, vraagt de interviewer. Antwoord: „Ik denk dat het goed is, maar ik denk dat het soms ook wel een beetje wordt overdreven.” En op de vraag „wil je meer weten over duurzaamheid?”, zeggen de studenten allemaal ‘ja’ maar ze stralen uit van ‘nee’.

De studenten van het filmpje zie ik dan ook niet terug op dat ‘duurzaamheidsdebat’ zelf, woensdagmiddag op de VU. In totaal zitten er slechts dertig belangstellenden in een zaal berekend op tweehonderd mensen, het balkon niet meegerekend. Het is meivakantie, het is lunchtijd en het gaat over duurzaamheid. Het debat is deel van een toer langs universiteiten en hogescholen door oud-PvdA-minister van Milieu Jacqueline Cramer, onder de noemer ‘duurzaamheid is van iedereen’. Cramer zegt een ontwikkeling te ontwaren „richting duurzaamheid” in alle sectoren, van textiel tot mobiliteit. Ze steekt de loftrompet over de jongere generatie, die zo veel „optimistischer” is dan haar eigen doemdenkcohort.

Een lid van die jongere generatie, oud-student Environment en Resource Management, poneert een stelling. Laten we de tijdverspillende welles-nietesdiscussie over de invloed van de mens op de klimaatverandering toch rusten. Laten we ons richten op dat wat hoe dan ook zin heeft: gebruik van duurzame energiebronnen en behoud van biodiversiteit. Cramer wil ook meer zon- en windenergie, maar de discussie over CO2 met rust laten wil ze niet. „We weten voor 95 of zelfs 99 procent zeker dat de mens invloed heeft op klimaatverandering. Het risico van niets-doen is te groot.”

Een goed argument, aldus een oud-studente in de zaal, maar waarom werkt dat argument wel als Griekenland gered moet worden, maar niet als de toekomst van de aarde op het spel staat? Cramer wijst op het fnuikende verschil tussen de korte en lange termijn. Iemand uit de zaal weet wel raad: „Laten we een beetje dictatoriaal worden. De democratie laat te veel zijn oren hangen naar de waan van de dag.”

Die roep om een strengere overheid weerklinkt even later nog eens, als de zaal praat over de „wildgroei” aan duurzame keurmerken. Want hoe red je planeet aarde nu echt? Moet je biologische chocola eten, duurzame tonijn of fairtrade-bananen? En hoe consistent ben je als je vervolgens je billen afveegt met niet-ecologisch toiletpapier? „De overheid kan die keurmerken moeilijk verbieden”, zegt Cramer. „Het lastige is, dat een product op talloze manieren goed voor het milieu kan zijn.” Elk keurmerk kan zijn eigen gewicht toekennen aan een bepaald milieueffect.”

En dus is de koper van een Greenfieldsbiefstukje wel ‘puur & eerlijk’ volgens Albert Heijn, maar verre van duurzaam volgens de regels der natuur.

Ingmar Vriesema