Spotlights maken wereld eventjes mooi

De film Tournée volgt een groep pikante danseressen op tournee door Franse provincie. Alleen op het podium is het leven mooi.

Mathieu Amalric en zijn burlesque acteurs Roky Roulette, Evie Lovelle, Julie Atlas Muz, Kitten On The Keys, Dirty Martini en Mimi Le Meaux bij hun aankomst in Cannes. Foto Reuters Director Mathieu Amalric (2nd L) and cast members (L-R) Roky Roulette, Evie Lovelle, Julie Atlas Muz, Kitten On The Keys, Dirty Martini and Mimi Le Meaux arrive on the red carpet for the screening of "Tournee" in competition by director Mathieu Amalric at the 63rd Cannes Film Festival May 13, 2010. Nineteen films compete for the prestigious Palme d'Or which will be awarded on May 23. REUTERS/Christian Hartmann (FRANCE - Tags: ENTERTAINMENT IMAGES OF THE DAY) REUTERS

Niet Cate Blanchett of Juliette Binoche waren gisteravond de grote sterren in Cannes, maar de zwaar opgemaakte en dito getatoeëerde Mimi Le Meaux, de pianospelende stripdanseres Kitten on the Keys en de omvangrijke verschijning van Dirty Martini, in 2004 verkozen tot Miss Exotic World. De dames krijgen ruim baan voor hun fraaie, erotisch getinte acts in Tournée, de derde film van Mathieu Amalric, die vooral als acteur bekend is. Op de rode loper genoten de dames uitbundig van de aandacht, maar ze hielden het netjes, tot teleurstelling van de joelende publiek.

Amalric maakte de laatste jaren pijlsnel carrière als acteur, onder meer als de bijna volledig verlamde hoofdpersoon van The Diving Bell and the Butterfly en als de schurk in de laatste James Bondfilm Quantum of Solace. Toen die film uitkwam zei de gevierde acteur al dat het de hoogste tijd was om terug te keren naar zijn ‘echte werk’ als regisseur. Nog geen jaar later heeft hij een film af en in competitie in Cannes, waar zijn roem als acteur vermoedelijk ook iets aan bijgedragen heeft.

De film vloeit logisch voort uit Amalrics werk als acteur. Hij valt op door zijn roekeloze, ongeremde, fysieke stijl. Als acteur bedreef hij ongesimuleerd de liefde (in Le historie de Richard O.), rende poedelnaakt door Parijs (in Les derniers jours de monde) en viel plat met zijn neus voorover op straat (in Un conte de Noël). Over net zulke fysieke en exuberante performers gaat Tournée.

Amalric speelt een aan lager wal geraakte televisieproducent. Walgend van de nepwereld die hij achter zich heeft gelaten gaat deze Joachim Zand op zoek naar iets dat ‘echt’ en ‘simpel’ is. Hij haalt uit Amerika een groep burlesquedanseressen, met wie hij door de Franse provincie toert. Ze worden gespeeld door leden van de groep New Burlesque, die hun eigen acts doen. De wereld van Tournée is uitermate treurig, hoewel er voortdurend en hard wordt gelachen. Zowel Zand als zijn groep dragen veel onuitgesproken leed mee, en beschouwen hun collega-artiesten als een soort nieuwe familie; een familie van buitenbeentjes. Over de hele film hangt een vage, onbestemde ontroering, waardoor de knulligheid die de film ook heeft overkomelijk is. Dat laatste vooral doordat de danseressen onder een overdaad aan camerabewustheid lijden. Vermoedelijk heeft Amalric gedacht dat zulke schaamteloze podiumartiesten zich ook voor de camera gemakkelijk bloot zouden kunnen geven. Maar dat blijkt toch iets anders te zijn. Al is de (onbedoelde?) boodschap van de film nu wel dat alleen wanneer de lichten aangaan, de zaal vol is en de dames op het podium staan, de wereld eventjes mooi en sprookjesachtig kan zijn.

Na alle ophef vooraf, die werd veroorzaakt doordat de Italiaanse minister van Cultuur Bondi uit boosheid over de film zijn voorgenomen bezoek aan Cannes afzegde, viel Draquila van de Italiaanse cabaretière Sabina Guzzanti een beetje tegen. Ze neemt de met veel bombarie en effectbejag omgeven manier onder de loep waarop de Italiaanse premier Berlusconi zich na de aardbeving van april 2009 over het stadje L’Aquila heeft ontfermd. Berlusconi laat op autoritaire wijze een hele nieuwe stad uit de grond stampen. Ook neemt hij de gelegenheid om zichzelf weer eens luid te laten bejubelen. Probleem voor Guzzanti is dat de getroffenen maar wat blij zijn met de nieuwe huizen die ze hebben kregen. De film verzandt verder in veel gepraat.

Guzzanti is vaak vergeleken met de Amerikaanse filmmaker Michael Moore. Haar polemische methode heeft veel weg van zijn bruuske stijl. Maar Moore komt altijd op voor de gewone man in zijn films, terwijl Guzzanti steeds op ‘gewone’ gesprekspartners stuit die niet naar haar willen luisteren. Want de gewone man in Italië vereert Berlusconi meestal hevig. Dat is een lastige situatie voor wie een populistische film wil maken in de geest van Michael Moore.