Rondbanjeren tussen de brokstukken

De Telegraaf heeft hem inmiddels geïnterviewd en daar is ophef over. Ruben, „het wonderkind”, want hij is de enige overlevende van een ‘afschuwelijke ramp’, om met minister-president Balkenende te spreken.

Vlak de omroep niet uit. Donderdagavond. Robin. Of Ruben. Negen jaar. Acht jaar. Tien jaar. We hebben beelden. We praten met zijn arts. We stellen alle vragen die in ons opkomen. We lichten brutaalweg het medische dossier van dit patiëntje dat, zoals u op onze indringende beelden zien kunt – wacht, we zoomen nog wat meer in op zijn ene comateuze oog – zich toch niet kan verweren. De ouders zijn omgekomen, dus die vinden het goed.

Behalve cnn’tje spelen we ook opsporinkje verzocht. Ook al blijft onze minister van Buitenlandse Zaken eindeloos uitleggen dat prematuur informatie verschaffen uit den boze is, we vragen hem het hemd van het lijf over dit tenslotte Nederlandse jongetje – net zolang tot de kijker het woord jongetje niet meer horen kan.

Clairy Polak toch! Ferry Mingelen! Wat vinden jullie er zelf van, achteraf? Het is wel een beetje de gelegenheid maakt de dief, niet? Het dictatoriaal bestuurde Libië, doorgaans niet erg scheutig met informatie, kreeg met Westerse pers te maken, is daar niet aan gewend of heeft sowieso op dit terrein geen codes en protocollen en zet dus alle deuren open.

Rondbanjeren tussen de brokstukken? Geen probleem, zoomt u maar in op de teddyberen en opengeslagen dagboeken. En hier hebt u beelden van de enige overlevende, we verbinden u nu door met zijn arts.

Daar konden Nova en het Journaal en al die andere collega’s – vraag niet hoe, maar Pauw en Witteman vulden er een hele uitzending mee – geen nee tegen zeggen. Al had dat gemoeten. En al „zijn er heel veel meer vragen dan antwoorden”, zoals Polak uiteindelijk ten overvloede vaststelde.

Gisteren praatte ze met een betrokkene bij een andere ramp, de vuurwerkramp in Enschede, die precies tien jaar eerder plaatshad. Er viel geen touw aan vast te knopen. De raadsels, complottheorieën en onbeantwoorde vragen werden juist een deugd in Mijn Enschede van filmmaakster Astrid Bussink, dat direct daarna werd uitgezonden. Een beetje sloom ging Bussink op zoek naar de waarheid, wat ze vond waren voor het leven getekende mensen. Een rechercheur die dingen nog wil „uitrechercheren”, zijn gezin dat hem verbiedt het er nog over te hebben, een ex-verdachte die geëmigreerd is, een wijkbewoner die dagboekfragmenten voorleest van „toen ik in de war was”. En de mysterieuze Henk? Waar is Henk gebleven? Is hij dader of slachtoffer? Dood of spoorloos? Zijn zoon is nu tien en wacht op hem.