Niets lijkt nog te lopen voor de bondskanselier

Na forse nederlagen in eigen land en in het buitenland staat Angela Merkel voor de grootste uitdaging van haar kanselierschap.

Als bondskanselier Angela Merkel boos of moe is, kan het gebeuren dat ze uit haar rol valt en vinnig als een schooljuf reageert. In märkisch Platt, het dialect van de Oost-Duitse streek waar ze is opgegroeid. Het zijn momenten die zelden voorkomen, en helemaal niet als de camera’s op haar zijn gericht. Maar eerder deze week was dat wel het geval.

Merkel geeft een persconferentie in Berlijn, op het hoofdkantoor van de CDU. Ze spreekt niet als bondskanselier, maar als partijvoorzitter. Ze ziet er moe uit, met wallen onder de ogen en de mondhoeken ver naar beneden getrokken. Samen met premier Jürgen Rüttgers van de deelstaat Noordrijn-Westfalen staat ze verslaggevers te woord, na het dramatische verlies van de CDU bij de deelstaatverkiezingen daar.

Merkel neemt de gelegenheid te baat om te zeggen dat er geen belastingverlagingen komen. Dat had de regering wel beloofd, maar daar is nu geen geld meer voor. Rüttgers, geen voorstander van belastingverlagingen, zegt ironisch: „Dat was een thema van de afdeling wind in de rug.” En dan valt Merkel uit, met Oost-Duitse tongval: „Dat heb ik, geloof ik, ook gezegd.” Het is een on-Merkeliaans, maar wel authentiek ogenblik. Haar consequent volgehouden pose van maximale gelijkmoedigheid is even verdwenen.

Het zijn dagen van veel werk en weinig slaap voor de bondskanselier. En van geduchte tegenslagen. In Brussel heeft ze haar zin niet gekregen tijdens crisisonderhandelingen over de euro. Bovendien is haar minister van Financiën, Wolfgang Schäuble, onverwachts in een ziekenhuis opgenomen. De electorale catastrofe In Noordrijn-Westfalen, de belangrijkste deelstaat van Duitsland, hakt er misschien nog wel het diepst in.

Alles komt samen, zoals in een worstcase scenario: slecht nieuws in het binnenland, even de regie kwijt in het buitenland, problemen met de bewindsman die ze het hardste nodig heeft, de euro onder druk en de Duitsers ongerust en kritisch over Merkels leiderschap. Niets lijkt meer te lopen voor de bondskanselier.

Ze heeft het deels over zichzelf afgeroepen. Van oud-bondskanselier Helmut Schmidt, die bij nationale belangen nog steeds het geweten van de natie is, krijgt Merkel een berisping. Schmidt schrijft in weekblad Die Zeit dat Duitsland en Frankrijk door hun afwachtende houding verantwoordelijk zijn voor de eurocrisis. „Sinds januari zijn Merkel en Sarkozy op de hoogte van de Griekse schulden. Je kon er rekening mee houden dat geldmanagers hun speculatieve kansen zouden pakken. Maar de leiders van de EU wachtten af.”

Merkel, zo luidt een veelgehoord verwijt, zou uit tactische overwegingen het impopulaire besluit over hulp aan Athene hebben willen vertragen tot na de stembusgang in Noordrijn-Westfalen. In haar omgeving wordt dat nadrukkelijk ontkend. Hoe het ook zij, vaststaat dat de kwestie-Griekenland voor de kiezers een rol heeft gespeeld. De ingebakken Duitse afkeer van goed geld naar kwaad geld gooien, is Merkel duur komen te staan. Ook het feit dat ze zich aanvankelijk als ‘ijzeren kanselier’ presenteerde en later in Brussel toch de knip moest trekken, is slecht gevallen. Haar partij is in Noordrijn-Westfalen op die zigzagkoers afgerekend.

Nu staat ze voor de grootste uitdaging van haar kanselierschap. Ze heeft altijd politiek op de vierkante centimeter bedreven; vakkundig en met gevoel voor de politieke en maatschappelijke verhoudingen in haar land. Nu gaat het om het geheel. Om de binnenlandse machtsvraag. En om Europa, de stabiliteit van de euro, de positie van Duitsland in Europa en het geld van de Duitse spaarders.

Binnen de kortst mogelijke tijd heeft ze verregaande besluiten over kredieten en garanties van tientallen miljarden euro’s moeten nemen, en die vervolgens door Bondsdag en Bondsraad gejaagd. Bij het eerste hulppakket – de kredieten voor Athene – klonken al protesten. Bij het tweede – garanties voor de redding van de euro; binnenkort in het parlement – is de weerstand aanzienlijk. Duitsland levert de grootste financiële bijdrage van de eurolanden, ruim een kwart van het totaal. De gezaghebbende econoom Christoph M. Schmidt waarschuwt ervoor dat de Bondsrepubliek niet „de betaalmeester van Europa” mag worden. Anderen voorzien problemen met de stijgende Duitse staatsschuld.

Merkel wekt een geïsoleerde indruk. Ze staat er nagenoeg alleen voor, lijkt het. Haar huidige kabinet heeft meer zwakke plekken dan haar vorige. De liberale vicekanselier Guido Westerwelle heeft z’n draai nog niet gevonden. Van Rainer Brüderle (Economische Zaken) wordt in deze economisch opwindende tijd weinig vernomen. De ministers van de CSU, de Beierse zusterpartij, klagen dat ze te weinig bij de besluitvorming over de euro worden betrokken.

Het ongemakkelijkst voor Merkel is het regelmatig wegvallen van Wolfgang Schäuble (Financiën). Deze politieke veteraan, aan een rolstoel gekluisterd, kampt met ernstige gezondheidsproblemen. Ook deze week moest Schäuble verstek laten gaan. „De minister wil zich nog een paar dagen ontzien”, zegt zijn woordvoerder. Schäuble zou slecht op een nieuw medicijn hebben gereageerd. Hij wordt tijdelijk vervangen door Thomas de Maizière (Binnenlandse Zaken). En natuurlijk door Merkel – want die is voor alles verantwoordelijk.