Klassieke muziek in het nachtcircuit

Als klassieke muziek hipper moet, wordt er geregeld een dj bij gehaald. Onlangs deelde het Matangi Kwartet het podium met DJ Kypski, en speelde het Noord Nederlands Orkest Armin van Buuren-arrangementen, compleet met hypnotiserende lichtshow. Is de klassieke muziek gebaat bij zulke cross-overs? Zodra de beats verstommen, is die immers weer teruggeworpen op haar eigen medium van in klank bewegende vormen, gerealiseerd met meestal niet-versterkte instrumenten en stemmen. En daarmee weten componisten al eeuwen muziek te maken die in emotionele en fysieke impact niet onderdoet voor wat in de betere nachtclub te horen is. Integendeel.

De zelfstandige kracht van klassieke muziek zónder toegevoegde beats en samples wordt nu ook onderschreven door enkele dj’s. Ze begeven zich in het nachtelijk muziekcircuit met een koffer die niet is gevuld met de allerlaatste danceplaten, maar met hun favoriete opnames uit het klassieke repertoire.

Eén van hen, de Nederlander DJ Von Rosenthal de la Vegaz, werd als voorprogramma omarmd door de Belgische elektropop-formatie Vive La Fête. Na een concert in Paradiso wijdde de poprecensent van De Telegraaf meer dan de helft van zijn verslag aan de ‘opwarmact’, die met muziek van Bach, Händel en Reich een ‘serene rust’ schiep. De impact van de energieke hoofdact was daarna des te groter.

Op dj-website soundcloud.com zijn drie sets van Von Rosenthal te beluisteren. Ze verraden een liefhebber met een brede smaak, van Classic FM-hits als het Bloemenduet uit Lakmé van Delibes en het Adagio van Albinoni tot modernere klassiekers als Arvo Pärts Fratres.

Von Rosenthal bouwt, zoals het een dj betaamt, lange bogen van intensivering en ontspanning, en laat de klassieke ‘tracks’ daarbij opvallend lang doorspelen en zo tot hun recht komen. Alleen de overgangen, vaak wat troebele cross-fades, kunnen subtieler.

Ook Alex Ross, muziekcriticus van The New Yorker, waagde zich onlangs aan een grotendeels klassieke dj-set in een club in Brooklyn, schrijft hij op zijn blog. Hij draaide spannender dan Von Rosenthal: onder meer Ligeti’s Fém (in de interpretatie van jazztrio The Bad Plus).

Een stap verder richting waarachtig dj-schap zette hij met een ‘mash-up’, dj-jargon voor het door elkaar mixen van verschillende platen. Hij combineerde Augures printaniers (het beukende deel uit Stravinsky’s ballet Le Sacre du Printemps) met Lachenmann en Xenakis. Het resultaat is een soort Stravinskyaanse techno. Toch won Stravinsky zelf – en met hem de autonome ‘klassieke muziek’ – het uiteindelijk fijntjes. Toen Ross een ánder deel uit de Sacre draaide, de Cortège du sage, met een aantal ongelijke ritmische en melodische cycli, dachten veel luisteraars opnieuw dat ze met een mash-up van een aantal ‘loops’ te maken hadden. Maar dat was gewoon Stravinsky. Honderd jaar geleden al.

DJ Von Rosenthal de la Vegaz draait vannacht in De Melkweg, Amsterdam.