Jaloers

Ik moet een lange witte museumwand vullen. Hoe krijg ik die muur in godsnaam vol? Een curator die ik mijn zorgen toevertrouw, valt bijna van haar stoel van het lachen wanneer ik haar vertel dat ik nachtmerries heb van lange lege muren. Ze stelt voor om de titel van mijn tentoonstelling breed over de wand heen te spreiden. We lachen hard, maar de zorgen blijven knagen. Ik heb gedichten, tekeningen, foto’s en prints, maar ik kan niet besluiten wat ik zal laten zien. Omdat er in het persbericht tekeningen zijn beloofd, vinden de medewerkers van het museum dat ik in elk geval tekeningen moet ophangen. Ik vind dat geen beslissend argument. Het persbericht is al weken geleden uitgegaan en ik heb inmiddels nieuw werk gemaakt.

Wanneer ik alles naast elkaar ophang, ziet de verzameling eruit alsof ik iemand ben die geen keuzes kan maken. Wil ik mezelf zo presenteren?

Het is nu te laat om mijn keuzeproblemen te betrekken bij de inhoud van mijn tentoonstelling, zoals ik zag in een film van de Libanese kunstenaar Mounira Al Solh in I’m Not Here. An Exhibition Without Francis Alÿs (De Appel, Amsterdam).

Rowane’s Song opent met: ‘I got JEALOUS of those Artists who are able to do an artwork related to identity matters and I was particularly pissed off by the ones who came from a war background and knew how to talk about it.’

Na vele mislukte pogingen om ook een Kunstenaar te zijn, stelt Al Solh dat ze eigenlijk niets te zeggen heeft over oorlog. Ze voelt zich niet eens typisch Libanees. Beelden van haar atelier, close-ups van foto’s en haar rode puntschoenen die de camera lijken te dragen, bepalen het beeld. Dit is nu haar wereld, een wereld waarin ze moet kiezen of ze een boek, een documentaire of een opera over haar ervaringen moet maken.

Alles mislukt, of is niet goed genoeg in de ogen van Al Solh. In plaats van een boek besluit ze een geluidsopname te maken van honderd Libanese vrouwen die hun lievelingslied zingen. Zo hoopt ze via een omweg een beeld te geven van een getraumatiseerd land. Tot haar teleurstelling zingen alle vrouwen over liefde en minnaars en is de inhoud niet eens bijzonder romantisch.

Twee casettebandjes op de vloer van het atelier, met een uitgeknipt portretfotootje van Al Sohl erop geplakt, illustreren haar onderneming om de zingende vrouwen vast te leggen. Of ze het echt heeft gedaan, doet er niet toe. Het gaat erom dat de kunstenaar laat zien dat er soms geen keuze mogelijk is. Sommige onderwerpen zijn te groot om op in te zoomen, om er gestalte aan te geven. Dat te laten zien, is ondertussen een ontroerende en treffende vorm.

Al Solh zegt in haar film spijt te hebben van het feit dat ze een documentaire die ze had gemaakt, heeft teruggetrokken van een aantal festivals, met name van de Franse festivals.

Waarom de Franse in het bijzonder, vraagt ze zich af. ‘In Lebanon, we love France!’ luidt het antwoord, waaraan ze toevoegt: ‘Onthoud daarbij alsjeblieft dat Libanon geen Franse kolonie was, maar een mandaatgebied.’

Een rood en een blauw paspoort liggen op een witte achtergrond. De camera zoomt in, net zolang tot de documenten en hun achtergrond een Franse vlag vormen. Iemand fluit vals het Franse volkslied. Zodat de film uiteindelijk toch over strijd en bezetting gaat. En de kunstenaar meer keuzes heeft gemaakt dan het werk in eerste instantie deed vermoeden.

Ik ben JALOERS.