Het had veel weg van een romance

Tory-leider Cameron en LibDem-leider Clegg spraken lyrisch over hun coalitie.

Maar het zal hen veel moeite kosten om eensgezind op blijven te treden.

Het had veel weg van een voorjaarsromance, de eerste gezamenlijke persconferentie woensdag van de nieuwe coalitiegenoten, de Conservatieve premier David Cameron en zijn Liberaal Democratische plaatsvervanger Nick Clegg. De kersverse partners spraken in de fraaie tuin van Downing Street 10 in bloemrijke woorden over hun alliantie.

Die belichaamt volgens hen het tijdperk van de ‘nieuwe politiek’, dat zij de komende vijf jaar eendrachtig verder gestalte willen geven. Terwijl Clegg goedkeurend toekeek, sprak Cameron zelfs van een „aardverschuiving” in de Britse politiek. Weg met de keiharde confrontatie, die de ‘oude politiek’ kenmerkte. Leve de constructieve samenwerking.

Ook de televisiebeelden van de eerste kabinetszitting gisteren, waar de ministers van de beide partijen joviaal en kennelijk in grote eendracht bijeen waren, waren bedoeld om de natie in te prenten dat de Tories en de Liberaal Democraten vastbesloten zijn een succes te maken van deze eerste Britse coalitieregering sinds het eind van de Tweede Wereldoorlog.

Alle retoriek over ‘nieuwe politiek’ ten spijt konden Cameron en Clegg intussen niet verhullen dat hun kabinet in sommige opzichten wel erg ouderwets oogt. Het bestaat vrijwel geheel uit blanke mannen, veelal van welgestelde afkomst, die in Oxford of Cambridge hebben gestudeerd. Slechts vier vrouwen telt het kernkabinet van 23 leden en welgeteld één lid van een etnische minderheid, de Conservatieve partijvoorzitter barones Warsi, een moslima.

In zijn eerste toespraak als premier verhulde Cameron, de jongste premier sinds 1812, woensdag niet dat het land voor „diepe en dringende problemen” staat. Het meest urgente is het terugbrengen van het begrotingstekort van 191 miljard euro, een van de hoogste in Europa.

Hoewel Cameron en Clegg persoonlijk goed met elkaar overweg lijken te kunnen, zullen ze hun handen vol hebben om de gelederen gesloten te houden. Het is niet moeilijk te voorspellen dat er zich, zeker binnenskamers, felle conflicten zullen afspelen. Niet alleen over de economie, wanneer er bijvoorbeeld onrust ontstaat als gevolg van de onvermijdelijke bezuinigingsmaatregelen die de nieuwe regering moet nemen.

Maar bijvoorbeeld ook over Europa. De vroegere Tory-leider en erkend euroscepticus William Hague wordt minister van Buitenlandse Zaken. Hij heeft in het regeerakkoord zijn piketpaaltjes al geslagen. Zo treedt Groot-Brittannië niet toe tot de eurozone. Nieuwe Europese verdragen, die de overheveling van soevereiniteit naar Brussel vergen, kunnen slechts worden goedgekeurd nadat de bevolking zich daarmee in een referendum heeft ingestemd.

Maar het lijkt ondenkbaar dat sterk pro-Europese leden van de regering zoals Clegg en minister van Energie Chris Huhne, beiden oud-leden van het Europees parlement, een extreem eurosceptische koers zonder slag of stoot zouden accepteren.

Veel Conservatieven, vooral op de rechtervleugel van de partij, hebben moeite met de ‘nieuwe politiek’. Ze kunnen moeilijk verkroppen dat hun partij geen absolute meerderheid heeft gewonnen, al is ze dan de grootste afzonderlijke partij geworden.

Niet alle Tories zijn daar echter rouwig om. Daniel Finkelstein, een commentator van The Times, betoogde dat de coalitie met de Lib Dems juist een fraaie kans biedt voor de Tories om definitief te bewijzen dat ze niet langer ‘the nasty party’ zijn zonder consideratie voor de minder bedeelden in de samenleving. Het is zeker niet onmogelijk dat Cameron die kans benut. Net als veel Conservatieven is hij van nature meer pragmatisch dan ideologisch aangelegd.

Ook veel Lib Dems hebben nog niet verwerkt dat hun partij met de Tories in zee is gegaan en niet met Labour. De Lagerhuisfractie van de partij ging echter wel akkoord met het coalitie-akkoord om voor het eerst in bijna een eeuw aan de regering deel te nemen. Met bovendien de mogelijkheid het kiesstelsel aan te passen, als de bevolking daar bij een referendum mee zou instemmen. Een lang gekoesterde wens van de Lib Dems.

De Britten beseffen dat het verbond van David en Nick de voorbode van meer coalities kan zijn, zeker als er een nieuw kiesstelsel zou komen. Dat gegeven stelt ook andere eisen aan de oppositie. Interessant zal zijn hoe de nieuwe Labourleider, wie dat ook wordt, daarmee omgaat.

Lees ook ‘Coalitievorming naar Brits voorbeeld’ op pagina 22 en 23