Grieks toerisme lijdt onder financiële crisis

De Griekse crisis met de bijbehorende stakingen en rellen zijn niet goed voor de belangrijkste economische sector van het land, het toerisme. Prijsverhogingen zitten er niet in.

Bij de receptie van camping Kastraki hangt een briefje met een telefoonnummer. Onverwachte gasten kunnen bellen. Er is weinig reden om de balie steeds bezet te houden, want het aantal tenten en caravans onder de bomen aan het strand is op een hand te tellen. Campinghouder George Karmaniolas vreest een ‘zwart’ jaar, zegt hij stug. Zijn prijzen zijn lager dan vorig jaar en het weer op de Peloponesos is uitstekend, maar het aantal reserveringen is tot nu toe dramatisch laag. De camping bij de badplaats Tolo, op twee uur rijden van de Griekse hoofdstad Athene, moet het vooral van buitenlanders hebben. Of het nu de Griekse rellen zijn of de wereldwijde financiële onzekerheid, „het ziet er zwart uit”, herhaalt de ondernemer, een man van weinig woorden met een verweerd gezicht.

Net nu het Griekse toerismeseizoen vol van start moet gaan, denken tv-kijkers en krantenlezers bij het woord ‘Griekenland’ even niet aan witte huisjes, blauwe zee en olijfbomen, maar aan protesterende jongeren met gasmaskers en brandbommen. Het raakt de oudere campinghouder dat vorige week de Acropolis in Athene voor het eerst in lange tijd een dag dicht bleef. Britse media maakten woordgrappen. Acropolis Now. Karmaniolas kan er niet om lachen. „Ik had liever gehad dat ze in de winter demonstreerden.”

Het natuurschoon en de overblijfselen van de oudheid zijn het enige kapitaal waaraan de Grieken nu nog zekerheid durven te ontlenen. Toerisme is al jaren de grootste en best functionerende sector van het land. Aan talloze cafétafeltjes is de afgelopen maanden de grap gemaakt dat de schuldencrisis kan worden opgelost door een paar eilanden aan een Arabische sjeik of de Chinezen te verpatsen. Maar de suggestie is steeds na een moment van twijfel weggelachen. Het vakantieparadijs pakt geen Europese instelling van ze af.

Maar toerisme is gevoelig voor financiële crises en imagoschade. In Athene werden nadat vorige week drie doden vielen, binnen 24 uur 21 congressen en duizenden overnachtingen geannuleerd. De grootste hotelketens hadden al eerder in een brandbrief aan de premier op betere bescherming van hun personeel en gasten aangedrongen. Het ministerie van Toerisme richtte een dag nadat de doden vielen een crisisteam op dat de pr-activiteiten moet opvoeren.

Eind april verhinderden havenarbeiders van de communistische vakbond een dag lang duizend passagiers om terug op hun cruiseschip te gaan. De reder heeft aangekondigd de haven van Piraeus in de toekomst over te slaan. De Grieken zijn tolerant ten opzichte van stakers, maar dit ging ze te ver, bleek uit furieuze commentaren.

Griekenland produceert weinig en importeert veel. Toerisme is met 17 procent van het bbp de grootste sector. Buitenlandse gasten zijn nodig om de handelsbalans in evenwicht houden. In 2008 werkten meer dan 800.000 Grieken (van de 11 miljoen) direct of indirect in de toeristensector. Daarnaast is het voor veel gezinnen een belangrijke aanvulling op hun inkomsten uit bijvoorbeeld landbouw.

„De handelsvloot en het toerisme zijn onze enige ‘zware industrieën’”, zegt Panaghiota Agriogianni van Golden Moon, een familiebedrijf met een groot terras en tien kamers. „Verder hebben we eigenlijk niets.” De menukaart ligt geopend op de tafels onder de luifel. De prijzen zijn dezelfde als twee jaar geleden, benadrukt Agriogianni.

Aan het begin van het seizoen worden de reserveringen door camping- en hotelhouders onderling tot in detail geanalyseerd. Echte cijfers komen pas in september. Tot nu toe is het speculeren, net als op de beurs. Minder Hongaren, maar meer Britten, denken de ondernemers in Tolo, bij uitstek een bestemming voor goedkopere pakketreizen waar de laatste jaren veel Hongaren en Polen op af komen. Minder Duitsers, maar door de sterke dollar wat meer Amerikanen en Chinezen, denken de analisten in hoofdstad Athene. Veel volgeboekte kamers, maar lege terrassen omdat toeristen zelf in hun appartement willen koken, gokken eigenaren van hotel-restaurant combinaties.

„Wij moeten het hele jaar teren op die vier tot zes zomermaanden, dat is het probleem”, zegt Jackie Gogonas, een Britse die 35 jaar geleden met een Griek trouwde en naar Tolo verhuisde. Ze boekt vanuit een inloopkantoor aan de hoofdstraat van de badplaats kamers en organiseert excursies, vooral voor Britten. Ze probeert optimistisch te klinken, maar is dat niet. „Als aan het einde van de zomer blijkt dat veel mensen niet genoeg hebben verdiend om hun creditcardschuld af te lossen komt pas echt de klap”, vreest ze.

De winstmarges zijn kleiner. Door de hogere accijns op brandstof stijgen de kosten voor dagtrips en taxi’s vanaf de luchthaven. Eigenaren van de kamers die ze bemiddelt bezuinigen door zelf de schoonmaak en het ontbijt te doen. Voor minder dan vijftien gasten bellen ze dit jaar geen kok.

Vorige week kwam bij pension Marianna in Nafplio, een mooie stad met luxe hotels niet ver van Tolo, een bezorgde mail binnen van meneer Griffin uit Amerika. Hij vroeg zich af of het op het moment wel veilig is in Griekenland. Eigenaar Petros Zotos heeft hem in hoofdletters geantwoord dat hij zich nergens zorgen over hoeft te maken. „Dit moeten we nu dus niet hebben.”

Nafplio is maar twee uur rijden van Athene, maar het lijkt een andere wereld. Maandagochtend vroeg puilen de vuilnisbakken uit, maar hier is dat een teken van een drukke zondag. Niet van stakende vuilnisophaal zoals in Athene, waar de zakken dagenlang stinkend broeiden in de zon. Op de rotswanden bij bankjes met uitzicht op zee zit ook wat anarchistische graffiti, maar zongebleekt.

Tot nu toe zit pension Marianna volgeboekt, net als vorig jaar. Er is alleen een afzegging wegens de IJslandse aswolk. De drie eigenaren en hun kinderen draven met een constante glimlach over de steile trappen langs de bergwand. Zotos klinkt vol zelfvertrouwen. De Griekse overheid is misschien in de problemen, maar het toerisme is het gezonde deel van het land. Hij lacht. „Je helpt ons meer door hier op vakantie te gaan dan door ons geld te lenen.”