Utrechtse Appie had er genoeg van

Frans Weisz leerde in 1960 filmen in het vergeten ‘La ragazza in vetrina’, over twee Italiaanse gastarbeiders op de Wallen. De film is nu weer te zien.

Het is de zomer van 1960. Een grote Italiaanse filmploeg strijkt neer in Amsterdam. De crew heeft net de opnames van Fellini’s La dolce vita achter de rug. Aan de Frans-Italiaanse coproductie doen grote namen mee: Lino Ventura, Bernard Fresson, Marina Vlady en Magali Noël. Zij spelen in de film La ragazza in vetrina (De vrouw achter het raam) van Luciano Emmer, gemaakt in de hoogtijdagen van de Italiaanse cinema. Het neorealisme loopt af, filmmakers als Fellini, Visconti, Antonioni, maar ook de luide Commedia all’italiana, veroveren de wereld.

La ragazza in vetrina gaat over twee Italiaanse immigranten die werken in de Belgische mijnen. De claustrofobische scènes in de schacht herinneren aan het neorealisme, maar als de twee in het weekend de bloemetjes buiten zetten in de Amsterdamse rosse buurt wordt de film een (bitterzoete) komedie. Branieschopper Federico zoekt er zijn schatje Chanel (Noël) op, de verlegen Vincenzo (Fresson) valt voor het hoertje Else (Vlady).

Voor La ragazza in vetrina worden opnames gemaakt op de Amsterdamse Wallen, en enkele scènes in Loosdrecht en bij de duinen van Wijk aan Zee. Peter Faber mag figureren als matroos, de net aan de Filmacademie afgestudeerde Frans Weisz (1938) weet een baantje bij de productie te bemachtigen en klimt op tot regieassistent. Hij herinnert het zich goed, het was het begin van zijn filmcarrière. Weisz: „We hebben twee maanden op de Wallen gedraaid. Ik ging langs de ramen en gaf de meisjes geld om hun raampje beschikbaar te stellen voor de opname. Ik ben nog nooit zo blij begroet. Als ik kwam, wisten ze dat ze de hele dag naar Zandvoort konden. Maar hun pooiers vonden het rampzalig. Als cameraman Otello Martelli zijn eerste licht aandeed, zo’n uur of tien ’s avonds, werd het opeens heel rustig. ”

„Het ging mis toen de buurt massaal in opstand kwam, een nacht om nooit te vergeten. Al dat licht legde wekenlang de handel lam en een pooier, Utrechtse Appie heette hij, kreeg daar genoeg van. Hij liep naar de regisseur en gooide hem zo de gracht in, tussen de condooms. Luciano Emmer werd druipend uit het water gehaald en afgevoerd voor een tetanusprik. Hij zei: ‘Frans, you make the shot and then I’ll come back’.”

„Ineens was ik regisseur en mocht ‘action’ roepen. Werkelijk: Napoleon werd geboren, zo voelde ik me. Een paar uur later kwam Emmer terug, vloekend en tierend. Een week later stonden we in de Cinetone-studio, waar de Wallen op schaal was nagebouwd. Inclusief gracht, met kapotte spiegeltjes werd de reflectie van water op de kade nagedaan. Ik zweer je: de studioshots van de Wallen werken beter dan die op locatie.”

‘La ragazza in ventrina.’ Te zien op 14 mei, in Eye Film Instituut, Amsterdam, in de Italian Cinema Fortnight - deze week een terugblik op het jaar 1960.