Lot Karzai en Obama is verbonden

Washington ontvangt de Afghaanse president Karzai deze week met alle egards. Vervroegde terugtrekking van het front kan alleen met Karzai als bondgenoot.

Tom-Jan Meeus

Als een vorst wordt Hamid Karzai dezer dagen in Washington langs hoogwaardigheidsbekleders geleid.

Maandag was er een welkomstdiner met de ministers Hillary Clinton (Buitenlandse Zaken) en Robert Gates (Defensie). Gisteren een privéwandeling met Clinton door Georgetown, de fraaie achttiende eeuwse wijk van de hoofdstad. Daarna een ontmoeting met Joe Biden, bij de vicepresident thuis. En vandaag voert Karzai uitvoerig overleg – staatsmannen onder elkaar – met president Barack Obama in het Witte Huis.

Het verschil met zes weken geleden kan niemand ontgaan. Toen liepen de spanningen zo hoog op dat de Afghaanse president kort na een bezoek van Obama uitriep dat hij desnoods in zee zou gaan met de Talibaan. Karzai had tabak van de kritiek dat hij te lankmoedig optreedt tegen corruptie in zijn regering. Hij klaagde over de neerbuigendheid waarmee de Amerikanen zich „mengen” in de Afghaanse binnenlandse politiek.

Amerikaanse vertegenwoordigers deden het voorval anoniem af als het zoveelste voorbeeld van Karzais „grillen”. Maar Bruce Riedel, de CIA-veteraan die vorig jaar Obama’s nieuwe strategie voor Afghanistan ontwierp, wees erop dat Karzai de weerzin in zijn land tegen de VS slim uitspeelt. Bovendien moest de regering-Obama ophouden, zei hij, te doen alsof Karzai nog vervangen kan worden. „Daar is het een beetje laat voor.”

De regering-Obama veranderde haar houding op slag. Kritiek en scepsis werden ingeslikt. Karzai werd als ‘realiteit’ aanvaard. David Petraeus, de generaal die verantwoordelijk is voor de Amerikaanse troepen in Afghanistan (en het Midden-Oosten), noemt Karzai sindsdien in elk interview statig „de bevelhebber” van zijn land. De barokke diplomaat Richard Holbrooke, die nooit geheimzinnig deed over zijn afkeer van Karzai, belandde in de praktijk op een zijspoor. Clinton en Gates werden naar voren geschoven om de Afghaanse president mild te stemmen – en gezien het bezoek van deze week lijkt dat te lukken.

Op korte termijn willen de Verenigde Staten, zeggen kenners, dat Karzai zich meer opwerpt als het gezicht van de militaire operatie tegen de Talibaan. Een subtiele manier om zijn kritiek op Amerika als bezettingsmacht te pareren.

Op zijn beurt zoekt Karzai steun van de VS voor het vredesoverleg, de jirga, dat hij binnenkort in Kabul hoopt te houden met 1.500 stamoudsten en andere regionale politieke leiders uit het land. Karzai wil ook de Talibaan uitnodigen; hij heeft eerder gezegd dat hij bereid is met Talibaanleider Mullah Omar te onderhandelen.

De regering-Obama voelt daar niet voor. Zij stellen Mullah Omar op één lijn met Al-Qaeda. „Wij gaan niet praten met de echte bad guys want (...) mensen als Mullah Omar zullen Al-Qaeda nooit afwijzen”, zei Clinton eerder dit jaar.

Niettemin verwachten kenners dat Karzai deze week een algemeen geformuleerde goedkeuring zal krijgen om met vredesoverleg te beginnen. Zo had Karzai de laatste tijd al contact met krijgsheer Gulbuddin Hekmatyar, die dicht tegen de Talibaan aanzit. Daar kan de regering-Obama amper bezwaar tegen maken: dezelfde Hekmaytar was de vooruitgeschoven post van de CIA toen deze in de jaren tachtig clandestien strijd tegen de Sovjet-Unie in Afghanistan voerde. Die operatie werd destijds bij de CIA geleid door Robert Gates, de huidige defensieminister.

Tegelijkertijd wordt de kans op snel resultaat van het Afghaanse vredesoverleg in het Witte Huis niet bijster groot geacht. Het verklaart de belangrijkste spanning tussen Karzai en Obama: de vraag hoelang de VS nog met troepen in Afghanistan blijven. Karzai zegt dat hij voor zijn persoonlijke toekomst vreest als de VS te vroeg met terugtrekken beginnen, en de werkelijkheid is dat vervroegde terugtrekking niet uitgesloten meer is.

Formeel moet de terugtrekking zomer 2011 beginnen. Dat is evenwel afhankelijk van een evaluatie die eind dit jaar gereed komt. En omdat de resultaten van de NAVO- operaties dit jaar tot nu toe tegenvallen, verwachten kenners dat de evaluatie laat zien dat de voorgenomen terugtrekkingen uitgesteld moeten worden; Obama heeft zich eerder gecommitteerd aan de uitkomst van de evaluatie.

Voor Karzai ligt het risico bij het Congres. Democraten verwachten bijzonder lastige Congresverkiezingen november dit jaar, en de Afghaanse oorlog wordt door veel van hen gezien als een ideaal thema om de schade te beperken.

Populair is de oorlog allang niet meer – een meerderheid van de bevolking denkt dat doorvechten geen zin meer heeft. En voorzitter Nancy Pelosi van het Huis van Afgevaardigden zinspeelt er geregeld op dat het Congres de oorlog kan beëindigen door er na dit jaar geen geld meer voor vrij te maken.

Vervroegde terugtrekking is dus een „zeer kansrijk campagnethema”, zeggen Democraten. En zo hebben Karzai en Obama er nu alle belang bij elkaar te helpen.