In Nederland: een theater, bij de Britten: toernooiveld

Ze waren er binnen vijf dagen uit. Hoewel het sinds 1974 niet is voorgekomen dat een Britse verkiezingsuitslag zonder overtuigende winnaar de politieke cultuur doorkruiste, vonden David Cameron en Nick Clegg elkaar, ook al zijn Tories en Liberal Democrats in veel opzichten elkaars tegenpolen.

Over vier weken houdt Nederland verkiezingen voor de Tweede Kamer. Die leveren, conform de hier heersende cultuur, zeker geen meerderheid op. Voordat er een nieuw kabinet is, zullen er minimaal vijf weken zijn verstreken. In de tussentijd zullen de partijleiders zich onder auspiciën van informateurs opsluiten, desnoods in conferentieoorden op de hei om hun regeerakkoord tochtvrij dicht te smeren.

In Londen heeft een coalitie zich uit nood op pragmatische hoofdlijnen gevonden. In Den Haag zal zelfs de principieelste blauwdruk straks wankel blijken.

Dat geeft te denken. Want beide landen hebben wel wat gemeen. Zoals de afkalving van de volkspartijen. In het Verenigd Koninkrijk representeerden Conservatieven en Labour een halve eeuw geleden nog 97 procent van de kiezers, nu 65 procent. In Nederland stemde toen 85 procent van de burgers op partijen die nu CDA, PvdA en VVD heten. Afgaande op de peiling van Synovate is dat thans 60 procent.

Toch gaan deze twee culturen daar anders mee om. Bij de Britten – waar generaties nooit hebben hoeven leren hoe je een meerderheid uit partijpolitieke minderheden vormt – dwingt het idee dat de natie geen dag zonder effectieve regering kan zitten tot een hoog politiek tempo.

In Nederland – waar het unieke verschijnsel ‘demissionair kabinet’ sinds mensenheugenis al een normaal intermezzo is – doen ze het rustig aan, zowel bij het uitschrijven van verkiezingen als bij het zoeken naar meerderheden.

Die paradox laat zich helder uittekenen in de architectuur van beide parlementen. Het Lagerhuis in Westminster heeft de vorm van een duellocatie. Regering en oppositie zitten pal tegenover elkaar, letterlijk op twee zwaardlengtes afstand. Afgelopen vijf jaar zaten de Liberaal Democraten daarom naast de Conservatieven. Pas als hun coalitie van gisteren knapt, voldoet de vorm van het Lagerhuis niet meer.

De Tweede Kamer heeft de oude rechthoekige vergaderzaal twee decennia geleden afgeschaft. Links en rechts zitten in het nieuwe theater niet meer tegenover maar in een halfrond naast elkaar. In het toernooiveld heeft men haast, in het theater is meer geduld nodig.