Grote druk leidt tot actie in eurozone

Het duurde zondagnacht tot 02.00 uur voordat het reddingsplan er was.

Reconstructie van een weekend waarin de eurozone eindelijk stevig ingreep.

„Als jullie de leningen voor Griekenland niet maanden hadden vertraagd, hadden wij hier nu niet gezeten.” De Duitse bondskanselier Angela Merkel kreeg bittere verwijten naar haar hoofd, toen de regeringsleiders van de eurozone vrijdag in Brussel aanschoven aan een diner dat de euro moest redden.

Maar de noodzaak om eurolanden voor uitglijden te behoeden, won het van de emoties over (mis)management van de Griekse schuldencrisis. Portugal en Spanje werden door beleggers in het nauw gedreven, precies zoals Griekenland op de knieën was gedwongen. De euro was vorige week gezakt tot vrijwel het niveau waarop hij destijds werd geïntroduceerd. Zoals vaak in crisistijd vonden de regeringsleiders elkaar in een pragmatisch compromis.

Angela Merkel ging vrijdagavond al akkoord, maar vroeg iedereen te zwijgen tot zondag. Niet omdat het op 9 mei Europadag is, maar omdat zij dan regionale verkiezingen wilde winnen – wat haar overigens niet lukte. Toen de regeringsleiders vrijdagnacht persconferenties gaven, trok de Franse president Nicolas Sarkozy zich niets aan van Merkels electorale besognes. Ineens geflankeerd door álle eurovlaggen declameerde hij: „De euro is Europa. Europa is vrede. Dat staat hier op het spel.” Vervolgens bevestigde hij wat Spaanse diplomaten al hadden laten lekken: dat er een Europees crisismechanisme werd bedacht met leningen voor eurolanden.

Even na tweeën zondagnacht, toen de beurs van Tokio openging, lag er een hybride mechanisme van in totaal 750 miljard euro aan leningen en garanties voor eurolanden in nood. Uitgewerkt door de Europese ministers van financiën en de Europese Commissie. „Wij doen alles om de euro te verdedigen”, zei eurocommissaris Olli Rehn van Monetaire Zaken.

De Europese Commissie kan in geval van nood 60 miljard vrijmaken. Daar bovenop geven eurolanden garanties af aan een nog op te richten entiteit die wordt beheerd door de Commissie en 440 miljard kan lenen. Het IMF levert 250 miljard. De top van de Europese Centrale Bank, die in Basel vergaderde, gaat Europese staatsobligaties opkopen.

Het Nederlandse aandeel in dit pakket is, los van de 4,8 miljard voor Griekenland, 26 miljard euro. Vergeleken met de 200 miljard die Nederland uitgaf om banken overeind te houden, noemde minister Jan Kees de Jager dat „relatief bescheiden”. Hij vindt deze crisis echter gevaarlijker dan de kredietcrisis: „Nu dreigden een landencrisis én een bankencrisis, waarbij landen niet kunnen lenen en dus niet voor de financiële sector kunnen gaan staan.”

De euro veerde gisteren op. Marktanalisten begrepen nog niet hoe de besluitvorming zou lopen, maar waren onder de indruk. Rehns plan was simpel: als alle eurolanden garant staan, kan de Commissie goedkoop geld lenen op de financiële markten, en dat doorlenen aan een euroland in nood. Zo kun je enorme bedragen mobiliseren. Veel eurolanden steunden dit idee, zo bleek vrijdag op de top in Brussel. Men vond zelfs een artikel uit het EU-verdrag om de clausule die directe hulp aan eurolanden verbiedt te omzeilen: artikel 122, lid 2, dat rept van natuurrampen en andere onvoorziene catastrofes.

Het hele weekend werkten financiële experts koortsachtig de details uit. Nederland had relatief veel inbreng. „Politiek”, gaf De Jager vannacht toe, „plaatsen regering en parlement vraagtekens bij enkel een EU-oplossing.” Hij wilde dat niet de Commissie maar eurolanden bepaalden wanneer het mechanisme in werking zou treden en onder welke voorwaarden. En: het IMF moest erbij.

Frankrijk en België vreesden dat nationale parlementen alles moeten goedkeuren – ofwel, een herhaling van het tergende Griekse scenario. Maar de tijd tikte. Diplomaten sliepen in de gangen. Kleffe broodjes raakten op. De Duitse minister Schäuble werd met medicijnvergiftiging in een ziekenhuis opgenomen, maar begon vanuit zijn bed toch weer te telefoneren. Merkel belde in. Sarkozy. En Obama.

Het werd 23.00 uur. 1.00 uur. Beurzen in Wellington en Sydney gingen open. Nog even en Tokio zou volgen. De „horde wolven”, zoals de Zweedse minister beleggers noemde, zouden de eurozone „verscheuren”. Maar zonder het grote Duitsland is er geen deal. En Nederlandse onderhandelaars bedachten de ‘entiteit’ voor de garanties, die toch door de Commissie wordt beheerd. Om 2.00 uur was het gedaan. Iedereen had wat gewonnen en verloren. „L’Europe, c’est le compromis”, besloot de Belgische minister Didier Reynders.