Naar de bollen (brrr)

Waar Lisserbroek – Abbenes – Lisserbroek . Rondwandeling ‘Olmenhorstroute’ uit ANWB wandelgids: ‘Groene Hart;’.

Afstand 10,5 km

Touringcars leggen aan bij de afmeerplaats van de rondvaartboot. Het asfalt staat blank, de wind waait strak, de regen slaat kuiltjes in de Ringvaart. Toeristen stappen uit. Ze slaan direct hun armen over elkaar en duwen hun neuzen in hun jacks. Het giet uit een hemel van natte kranten, en dat houdt voorlopig niet op.

„The day it rained forever”, vat man het weer samen. Van wie ook weer? „Ray Bradbury.” O ja.

We steken de Lisserbrug over, een klassiek wit-ijzeren ophaalgeval dat er van een afstand uitziet als een doosje. Er passeert een stoet oldtimer-tractors, hun bestuurders hadden vast gerekend op een prachtige dag. Net als de stoet ligfietsrijders in de gele kajaks op wielen. En ook de chauffeurs van die antieke Porsches hadden zich deze dag anders voorgesteld.

Ik ook.

„Naar de bollen, lalalalala…” zing ik, „…waar je sprakeloos geniet, van de kleuren die je ziet…”

Maar de kleurvlakken die de bollenvelden hier plegen neer te vlijen, blijven uit. We volgen weliswaar paden langs bollenakkers, maar die zijn bloemloos. Op wat verspreide roze tulpen na, wuivende drenkelingen tussen het spitse groen. In de berm bloeit smeerwortel, dat wel, plus, toch, een enkele narcis.

De regen en de wind zijn een kouwe vuist. Wandelen is rillen. Acht minuscule eendenbaby’s dobberen met hun moeder tegen een steile slootkant waar ze van hun leventjes nooit op kunnen klimmen. Op de grasstrook bij de glazen kassenwand staan drie lama’s met een grijns op hun gezicht zich nergens iets van aan te trekken. El condor pasa – dat idee.

Er glijdt een trein door het natte land, een gele vaan, de staart van een komeet.

Hé! Daar! Ja, dáár, verderop, ligt een vlek vol roze, rood, oranje. De zon lijkt er uitgevloerd op het land, vandaar dat hij in de hemel ontbreekt. Er dienen zich meer van die vlekken aan, in verschillende kleurstellingen. De mooiste is een kleine witte rechthoek met een roze baan, omgeven door zwarte grond. De vlag van een moederland.

Nu staan we eindelijk aan de rand van een stel tulpenvelden. Het gure licht verstevigt hun kleuren. Op verende stelen wiebelen ze wild in de wind. Tulpen zijn stoere kerels.

Informatie, routekaartje, gps-punten en foto’s via nrc.nl/weekblad