Euro: de kracht van zwakte

De recente val van de euro is verdiend. Maar de eenheidsmunt zou zich wel eens kunnen opmaken voor méér dan een technische opleving.

Toen de euro in januari nog op 1,50 dollar stond, hadden handelaren het over de Amerikaanse economische problemen en de relatieve kracht van Europa. Het daaropvolgende economische nieuws over de Verenigde Staten was goed, terwijl Griekenland de euro omlaag heeft getrokken naar het dieptepunt van 1,27 dollar van donderdag. Nauwkeuriger gezegd, de euro wordt onderuitgehaald door de angst dat de wanhopige begrotingspositie van Griekenland de muntunie uit elkaar zou kunnen laten vallen. Dat zou vermoedelijk een enorm onoverzichtelijke situatie opleveren en resulteren in een groep nationale munten, die aanzienlijk minder waard is dan de voorgaande som der delen.

Het verhaal zou nog steeds zo kunnen aflopen als de euro-pessimisten vrezen. De crisis van de staatsschulden is reëel, en niet alleen omdat beleggers dat denken. Maar de meest recente val van de euro, van het niveau van 1,32 dollar begin mei, zou wel eens overdreven kunnen zijn.

In de eerste plaats zou het economische nieuws over de eurozone weer beter kunnen worden, deels omdat de goedkopere euro gunstig is voor de export. Groei zou het aanpakken van de schulden minder pijnlijk maken.

In de tweede plaats zou een staatsbankroet de munt niet fataal zijn. Er zou discussie plaatsvinden over de verdeling van de verliezen die de Europese Centrale Bank zou lijden, en er zou een nieuwe ronde van overheidssteun voor de banken nodig kunnen zijn. Maar dergelijke problemen zijn uiteindelijk politiek van aard – en in de grond van de zaak overkomelijk.

In de derde plaats lijken de politici wakker te zijn geworden. Angela Merkel maakt Duitsland duidelijk dat de toekomst van Europa op het spel staat. Griekenland, Portugal, Ierland en Italië zijn het allemaal met de president van de Europese Centrale Bank, Jean-Claude Trichet, eens dat de tekorten zo snel mogelijk moeten worden weggewerkt. Alleen Spanje is nog recalcitrant.

Tenslotte heeft Trichet laten zien dat hij met zijn tijd kan meegaan. De in theorie a-politieke Europese bank heeft zijn uiterste best gedaan om Griekenland te helpen, met soepeler regels voor het onderpand en krachtige woorden over de noodzakelijke versobering van de begroting van het land. Euro-pessimisten zien een zwakke centrale bank, die moeite heeft bij de pinken te blijven. Maar tijdens een crisis kan flexibiliteit – zelfs het opofferen van lang gekoesterde principes – een deugd zijn.