De koppelaarspartij

Een koppelaarster is iemand die voor geld gelegenheid geeft tot het plegen van ontucht. Synoniemen zijn bordeelhoudster en hoerenwaardin. Als het over iemand gaat die huwelijken tot stand probeert te brengen, hebben we te maken met een huwelijksmakelaar. Zo staat het in de dertiende, herziene uitgave van mijn Dikke van Dale. Johannes Vermeer heeft een koppelaarster met haar klant en haar handelswaar geportretteerd. In de zeventiende eeuw hebben meer schilders zich door dit beroep laten inspireren. Dirck van Baburen, Gerard van Honthorst, Jan van Bronckhorst hebben dramatische taferelen van handel en lust geschilderd die er niet om liegen. De klanten kijken vrolijk en begerig, de meisjes lijken er ook wel zin in te hebben, behalve bij Van Bronckhorst. Ze heeft zich al uitgekleed en met grote, bange ogen staart ze in het niets. De koppelaarsters zijn zonder uitzondering oudere dames, bij Van Honthorst een regelrecht katijf. Zo ging het in de Gouden Eeuw.

Als je je in deze tijd eenzaam voelt en je wilt je eens door iemand van het andere geslacht laten opkikkeren, staan ze van alle kanten klaar om je op je wenken te bedienen. Dankzij het ingrijpen van de nu plaatsvervangend burgemeester Lodewijk Asscher zijn de Amsterdamse Walletjes niet meer wat ze geweest zijn. Maar dan heb je nog altijd X andere mogelijkheden, van de contactadvertenties in de krant van wakker Nederland tot de meneer in de radio, die op panische toon roept: e-matching punt nl, durft u het aan!? Van binnen de grenzen van het burgerlijkst fatsoen tot het rauwste rauzen beweegt de relatie-industrie zich op een van de grootste groeimarkten. In Nederland pakken we het nog relatief bescheiden aan. Ook op dit gebied loopt Amerika voorop. Lees van de Pulitzerprijswinnaar Chris Hedges het vorig jaar verschenen boek Empire of Illusion. Niet te geloven. Alleen in de officiële openbaarheid gedragen de Amerikanen zich nog ouderwets preuts. Als het gebruik van minder nette woorden in de geschreven taal onvermijdelijk is, dan worden de strategische klinkers door een * vervangen. F*ck!

Maar nu hebben we in Nederland misschien een nieuwe mijlpaal bereikt. Op de voorpagina van Het Parool (30 april) las ik: ToN geeft hoer weg.

Het komt erop neer dat mevrouw Rita Verdonk van Trots op Nederland een loterij had georganiseerd. Op een feest bij de Stopera kon je een afspraak met een vrouw of een man winnen, met een gigolo of een gigoletta. Een nieuw woord dat ‘wat gezelliger’ klinkt, zei de campagneleider tegen verslaggever Bas Soetenhorst. „Het is gewoon een heel ludieke actie.” Eén man meldde zich af, „om relatietechnische redenen”. Aan het einde van de avond verrichtte de partijleidster de loting. Mevrouw Verdonk liet zich lachend fotograferen, trots op Nederland. En ja, je kunt zeggen wat je wilt, maar hier is weer eens een wereldmijlpaal bereikt.

Mevrouw Verdonk is daar goed in. Van tijd tot tijd denk ik aan Taïda Pasiç, het meisje uit Kosovo dat hierheen was gevlucht, perfect Nederlands had geleerd, op de middelbare school een voorbeeldige leerling was, voor haar eindexamen zat en toen door minister Verdonk werd betrapt op het hebben van de verkeerde nationaliteit. Ze moest de grens over, dat eindexamen zou ze desnoods op de Nederlandse ambassade kunnen afleggen. Hoe zou het nu met haar gaan? In Kosovo heb je niet veel aan vloeiend Nederlands. En dan hebben we Ayaan Hirsi Ali, ook door de minister eruit gewerkt. Gelukkig kan mevrouw Ali zich in het buitenland goed redden. Ze is nu verbonden aan het American Enterprise Institute, de neoconservatieve denktank die een zekere verwantschap met het gedachtengoed van mevrouw Verdonk heeft. Zouden de dames elkaar nog weleens spreken?

Alle gekheid op een stokje, maar hoe haal je het in je hersens met een ‘ludieke actie’ ten behoeve van je partij het hoerendom te bevorderen en dan die partij Trots op Nederland te noemen?