De Commissie-Pauze

Kinderen kunnen niet meer spelen. Voor je het weet, zit je hier dan een tamelijk woest plan te maken om subsidie binnen te halen.

Twee jongetjes zetten een meisje klem aan de rand van het schoolplein. Dit kan een pauze lang duren. Wijdbeens, de armen gekruist over de borst, staan ze tegen haar te schreeuwen: jij moet hier blijven staan, jij mag niet met X spelen. De kleine cipiertjes zijn gestuurd door klasgenootje Queen Bee. Laten we haar zo maar noemen, al is ook zij pas zes. Onderzoekers van de universiteit Brigham Young stelden hier vier jaar geleden vast dat de leeftijd van het gemene meisje in de klas, in Amerika ‘Queen Bee’ genoemd, fors daalde. Vroeger deden alleen tieners aan verbanning van anderen uit de groep. Nu gaat het volgens de onderzoekers al om vierjarigen.

Maar ach, denk je, niet flauw zijn. Die dingen horen bij scholen.

Dan komt de dag dat een achtjarig jongetje zo kwaad wordt op een klasgenoot, dat hij diens hand achterover trekt tot hij een duim breekt.

En kort daarna plast een jongetje van acht opzettelijk over een kind heen: just a joke.

De voorbeelden komen van onze openbare school hier in de buurt. Een goede school. Mijn kinderen, nog gezegend met de antiaanbaklaag van argeloosheid, zijn er gelukkig. En ja, overal is wel wat. Neem die smetteloze school even buiten D.C., in de suburb Bethesda, waar nogal wat zorgelijke expatgezinnen gaan wonen, omdat de openbare scholen daar „zo goed” (en zoveel witter) zijn. Op die school, lazen wij vorige maand niet zonder leedvermaak in de krant, handelen kinderen in naaktfoto’s van elkaar. Eén jongen had tientallen blote meisjes opgeslagen in zijn telefoon en andere jongens mochten tegen betaling kijken.

Maar weer niet flauw zijn: sexting is misschien niet veel anders dan vroeger het gluren in de meisjeskleedkamer.

De directeur van onze school is een wijze vrouw die niet snel van de kook raakt. Ze loopt tegen de zeventig, is zwart, werd volwassen in de burgerrechtenbeweging. Oud-leerlingen uit de slechtste buurten van D.C. die het tegen alle sombere statistieken in volhouden op een high school, zoekt zij persoonlijk op voor een peptalk. Toch maakt ze zich meer zorgen over een groeiende groep jongere leerlingen.

Ik had haar gevraagd waarom ze de pauze nogal eens afgelastte. Kans op regen leek genoeg om de kinderen binnen te houden. Of het was te koud. Of juist te warm. De schooldirecteur legde in voorzichtige woorden uit waarom zij het niet meer altijd aandurft, pauze houden. Al met een paar zieke leraren heeft zij eigenlijk te weinig toezicht, buiten.

Ze heeft meer volwassenen nodig, omdat steeds meer kinderen zelf niet meer weten hoe ze moeten spelen, zei ze. Er is nog zo weinig tijd of ruimte om het ze te leren. Kinderen kunnen alles achter hun computer, maar gaan steeds vaker kopje onder op een plein vol andere kinderen. Kinderen die niet meer weten hoe ze moeten spelen, vallen elkaar lastig. Wie niet leert spelen, leert ook niet hoe je ruzie maakt. Wie opgroeit in een volwassen wereld van winners of losers heeft geen ruzie, maar hoogoplopende conflicten. Die los je niet op, maar vecht je uit tot je wint of verliest.

Als Nederlander denk je dan: daar moeten ze toch eens iets aan doen. Amerikanen redeneren anders: iedereen is hier zelf verantwoordelijk voor zijn community. Dus toen ik over de pauze begon, is prompt een Commissie-Pauze in het leven geroepen en ben ik ongevraagd aan het roer geplant. Nu moet ik, in optimistisch Amerikaans, schriftelijk ideeën helpen formuleren. Met die plannen gaan wij, is mij verzekerd, geldkranen opendraaien. Wij gaan grants binnenhalen. Armlastige scholen kunnen hier talloze subsidies verdienen. De meeste komen van bedrijven.

Dus ging er een tamelijk woest plan naar General Mills, het concern achter onder meer Häagen-Dazs ijs en Totino’s Crisp Crust Party Pizza. General Mills geeft miljoenen per jaar weg ter bevordering van ‘jeugdvoeding en fitness’. Men hoeft slechts een ‘innoverend’ plan aangaande jeugdvoeding en fitness te bedenken.

In de wereld van de grants, is mij intussen geleerd, doft iedereen alles ongenadig op. Plannen winnen pas een grant als ze ook pr-technisch van het papier spatten in het jaarverslag van een bedrijf, bijvoorbeeld onder het kopje ‘sociale verantwoordelijkheid’.

Er ligt nu een idee bij General Mills voor het inrichten van een ‘biologische schooltuin’, waarvoor overigens helemaal geen plaats is rond onze school, maar dat is van later zorg. Ook is fors ingezet op de introductie ‘van nieuwe spelvormen uit andere culturen’. Niemand kent zulke spelvormen echt, maar het klinkt goed.

Een paar duizend dollar maar. Dat is eigenlijk alles wat ze nodig heeft. Onze directeur kan daarmee een jaar lang nog wat aardige volwassenen betalen, voor in de pauze. Laat de voeding en de fitness tegen die tijd maar zitten, zei ze. Laten we deze kinderen eerst eens leren spelen.