Waarheid is een afspraak

De auteur Charles Lewinsky ligt goed in de markt.

Zal het nu vertaalde De verborgen geschiedenis van Courtillon ook een kaskraker worden?

In een vorstelijke kamer geeft hij interviews: Charles Lewinsky, voor even in Amsterdam, krijgt bezoek van filmploegen en televisiemensen. Het zal heel druk worden want de 64-jarige Zwitserse schrijver ligt goed in de markt. Zijn epos Het lot van de familie Meijer (2006) werd overal een kaskraker en nu verschijnt de Nederlandse vertaling van zijn oudere roman Johannistag (2000; in vertaling De verborgen geschiedenis van Courtillon) die eveneens bestsellerpotentie heeft.

Het is moeilijk om niet van de succesauteur onder de indruk te raken. Met zijn gebruinde gezicht, zijn dure pak en zijn geroutineerde hoffelijkheid lijkt hij op een man van de wereld. „In welke taal wilt u converseren?”, vraagt hij voortvarend. „In het Frans, het Duits, het Engels of het Chinees?” Pas op, dit is een gladjakker, denk je. Maar dan verschijnt er een andere kant van Lewinsky. Een subtiele en humoristische, geschiedenisbewuste en fabulerende kant, die ook zijn werk beheerst.

Zijn ideeën illustreert hij in het gesprek met verhalen; vrijgevig schudt hij ze uit zijn mouw, waarbij hij zijn net bedachte personages steeds een eigen stem geeft. Dat deze pretmaker, begonnen met lichtvoetig tv-werk, ernst en diepgang niet schuwt, wekt bijna verbazing. Toch beschrijft hij in Het lot van de familie Meijer de gevolgen van antisemitisme, uitsluiting en vervolging. En in De verborgen geschiedenis van Courtillon, over de geheimen van een klein Frans dorp – waar hij zelf een groot deel van het jaar woont – , onderzoekt hij het verschil tussen schuld en onschuld, tussen waarheid en leugen, vriendschap en verraad. Een thrillerachtige plot dwingt je om door te lezen, de toenemende beklemming ten spijt.

„Toen ik jong was”, zegt Lewinsky, „had ik dit boek nooit kunnen schrijven. Als jongeman had ik er nog geen idee van hoe een dorp functioneert.” De verteller, een vrij jonge nieuwkomer, snapt er ook niets van. „Maar hij leert erg snel. Hij begint zelfs met het dorp samen geheimen te hebben.” Er is iets vreemds met die verteller aan de hand. In Duitsland was hij leraar, maar hij legde het met een leerlinge aan en moest naar Frankrijk vluchten. „Nog steeds is hij ervan overtuigd dat hij een grote liefdesgeschiedenis heeft beleefd. Dat zo’n liefde tussen leraar en leerlinge niet kan en dat hij dat als leraar had moeten weten, is hij al vergeten. Ook hij heeft de waarheid verdraaid.”

„Dát”, roept Lewinsky begeesterd, „is voor mij het thema van het boek: wij mensen zijn niet in staat tot herinneren. We denken alleen maar dat we het kunnen. In werkelijkheid herinneren we ons alleen ons eigen verhaal. En in ons eigen verhaal zijn we altijd beter dan in werkelijkheid. We vertellen onze verhalen net zo vaak tot wij ze zelf geloven.”

Hij kijkt uit het raam, naar de gracht onder hem en de auto’s en fietsers. „Als er hier op straat een ongeluk gebeurt, dan zijn er geheid vijf mensen bij die geen van allen helpen. Naderhand herinneren zij zich allemaal dat ze geprobeerd hebben te helpen. Een paar jaar later herinneren ze zich hoe heldhaftig ze geprobeerd hebben te helpen. En dan komt er iemand die zegt: ‘Ik was erbij en heb gezien dat u helemaal niet geprobeerd heeft te helpen.’ Dan zijn die vijf woedend. Hun verhaal wordt kapotgemaakt.”

Lewinski weet: „Hoe meer mensen erbij zijn, des te meer werk het kost een gemeenschappelijke herinnering te maken, en des te waardevoller wordt zij, en des te kwader zijn wij wanneer iemand haar verstoort. In Courtillon doet Jean dat, de buurman van de verteller, en hij zal het bezuren. De waarheid is een afspraak. Daar mag hij niet aan tornen.”

Jean, die de leugen wil ontmaskeren, stuit overal op vijandigheid. Zo beschuldigt Valentine hem van kindermisbruik. Terecht? „We komen er niet achter. Misschien is Valentine een hysterisch meisje. Als datgene wat zij zegt niet klopt, zullen de mensen Jean toch niet meer vertrouwen, want iets van zo’n beschuldiging blijft hangen. En als hij aan het eind dood is, dan is het eenvoudiger om te zeggen: ‘Hij was een kindermisbruiker.’ Soms is het praktisch als er een slachtoffer is.”

Verzetshelden zijn er ook in Courtillon, tenminste, daar schept men over op. In werkelijkheid was iedereen laf in de oorlog. Neemt de auteur dat de mensen van Courtillon kwalijk?

„Nee. Neem Zwitserland. Zwitserland was niet dapper, maar sluw. Zwitserland kreeg het voor elkaar de oorlog aan zich voorbij te laten gaan. In Zwitserland was geen oorlog. Dat is geen heldenprestatie, daar kun je niet trots op zijn. Maar als we helden waren geweest, waren we nu dood. In leven gebleven te zijn is geen schande. De mens past zich aan.”

Zoals de verteller. Die laat zijn vriend Jean vallen, die wordt even hypocriet als de rest. Is zijn dubieuze aanpassing bedoeld als kritiek op assimilatie in het algemeen?

„Nee! Nee! Nee! Soms lees ik in de krant: ‘Dit of dat boek beschrijft onze verkeerde houding tegenover dit of dat zo duidelijk dat de lezer zijn leven verandert.’ Dan denk ik: literatuur werkt niet zo. Stel: je bedenkt een verhaal over een man die fietsen jat, winkels overvalt en in de gevangenis komt. Daar ontmoet hij een oude inbreker die al jarenlang zit. De oude man zegt: ‘Jongeman, ik ben dief geweest, je ziet wat ik eraan heb.’ Dan betert de jongeman zijn leven. Dat zou je kunnen schrijven. En het zou kunnen gebeuren dat iemand dit boek leest en als het uit is zegt: ‘Prachtig, nu weet ik eindelijk hoe je fietsen jat.’ Wij schrijvers kunnen de lezers niet verstandiger maken.”

Het lot van de familie Meijer schildert de pijnlijke kanten van aanpassing en assimilatie anders wél zo dat iedereen er iets van kan leren. Een Joodse familie in Zwitserland wil er dolgraag bij horen, bij de christelijke meerderheid. Is het niet dom om te willen lijken op antisemieten?

Lewinsky wordt bijna boos. „Wie wil er nou geen erkenning van de meerderheid? Wie wil er nou niet slagen in een christelijk land? Daar heb je Jean, alweer een Jean, ooit heette hij Janki. Hij vindt: je moet je laten dopen, dan ben je net als de anderen. Maar hij heeft andere herinneringen dan die anderen. Daarom blijft hij… anders.”

Hoe Joods is Lewinski zelf eigenlijk? „Ik ben Jood omdat de Joodse traditie de traditie van mijn familie is. Tradities zijn, daar gaan we weer, gemeenschappelijke herinneringen. Die wil je niet opgeven.”

Bekijk de site van de auteur op: www.lewinsky.ch

Charles Lewinski De verborgen geschiedenis van Courtillon Signatuur, 300 blz. € 19,95