Jonathan is wel krachtdadig, maar een zuiderling

Vicepresident Goodluck Jonathan is niet zonder meer de opvolger van Yar’Ardua.

Want Jonathan komt uit het zuiden, en eigenlijk is er weer een noordeling aan de beurt.

Politiek was Umaru Yar’Adua al enkele maanden dood. Hoewel zijn vrouw Turai samen met een groep politici uit Noord-Nigeria een barricade rond zijn ziektebed opwierp om de schijn te wekken dat de stervende president nog alles onder controle had, nam een groep politici rond vicepresident Goodluck Jonathan sluipenderwijs de macht over.

Jonathan, die uit het zuiden komt, werd in februari als waarnemend president geïnstalleerd. Maar er wacht een nieuwe machtsstrijd: mag Jonathan kandidaat zijn bij de verkiezingen volgend jaar of houdt de Nigeriaanse politieke elite zich aan de ongeschreven afspraak dat het opnieuw de beurt is aan een noorderling?

Nigeria kent de ongeschreven regel dat de macht om de acht jaar wisselt tussen het islamitische noorden en het overwegend christelijke zuiden. Met drie jaar Yar’Adua heeft het noorden nog vijf jaar te gaan voordat het zuiden weer aan de beurt is.

Jonathan liet in recente interviews doorschemeren niet uit te sluiten het hoogste ambt te zullen nastreven. Aanhangers plakten de afgelopen weken in de Nigeriaanse hoofdstad Abuja posters met een steunbetuiging voor zijn kandidatuur bij de verkiezingen volgend jaar. Ook in eigen gelederen begon een campagne voor Jonathan. Op het partijcongres van de regerende PDP, vorige week, verloor de partijvoorzitter die opnieuw een noorderling wilde kandideren zijn positie. In zijn nieuwe regering benoemde Jonathan onlangs enkele prominente noorderlingen maar de trouwste aanhangers van Yar’Adua ontsloeg hij.

De onzekerheid in het hart van Nigeria’s machtscentrum, die ontstond door de ziekte van Yar’Adua, dreigde Afrika’s potentieel rijkste en machtigste land te destabiliseren. Naarmate een kliek rond de stervende president deze onzekerheid wilde verlengen door hem afgezonderd te houden, groeide de vrees voor een militaire staatsgreep en kwamen westerse landen in actie. De VS en Groot-Brittannië oefenden invloed uit om Jonathan de macht te laten overnemen en bij een bezoek aan Washington vorige maand fluisterde president Obama hem enkele adviezen in.

Die adviezen werden opgevolgd. Jonathan probeert zich sinds kort als krachtdadig te profileren. Zo verloor het hoofd van de kiescommissie, Maurice Iwu, zijn baan, een besluit dat tot de door Yar’Adua beloofde maar niet uitgevoerde hervormingen van het kiessysteem moet leiden. Deze week werden aanklachten tegen Nuhu Ribadu ingetrokken. Ribadu verwierf onder ex-president Olusegun Obasanjo faam als het hoofd van de anticorruptiecommissie, maar hij werd opzij geschoven door Yar’Adua en zelf beschuldigd van corruptie. Daarmee liep de door Yar’Adua aangekondigde strijd tegen corruptie ernstige schade op. Mogelijk wil Jonathan Ribadu inzetten voor een nieuwe campagne tegen corruptie.

Als Jonathan de strijd om het presidentschap aangaat, wacht hem oppositie uit het noorden. Nigeria’s politiek wordt gekenmerkt door een strijd om invloed tussen het islamitische noorden en het christelijke zuiden. Hoewel de olie in het zuiden zit, zwaaide het beter georganiseerde noorden lang de politieke scepter.

Een troef voor Jonathan is zijn afkomst. Met zijn benoeming tot vicepresident werd voor het eerst een politicus uit de Nigerdelta tot een hoog ambt benoemd. En de olie uit de Delta vormt het smeermiddel van de Nigeriaanse politiek. Als hij, voortbordurend op het door Yar’Adua gesloten vredespact met de rebellen, de Delta weer stabiel kan maken, zal ook de noordelijke elite profiteren. Dan maakt hij misschien toch kans om volgend jaar ook de gekozen president van Nigeria te worden.