Giro kleurt stad voor even roze

Nederland heeft een reputatie opgebouwd als het gaat om het binnenhalen van grote wielerwedstrijden.

Maar Groningen kijkt hier met gemengd gevoel op terug.

In Utrecht kleurt de Domtoren sinds gisteren roze, en morgen varen er gondels door de stad. Het Amsterdamse Rijksmuseum exposeert voor de gelegenheid met Italiaanse Madonna’s. En in Middelburg verschijnt de regionale Provinciale Zeeuwse Courant maandag voor één keer in het roze.

Nederland staat de komende drie dagen in het teken van de Italiaanse wielerronde Giro d’Italia. Met Amsterdam als hoofdlocatie, met drie keer de start van een etappe. Morgen begint de ronde met een individuele tijdrit van het Museumplein tot bij het Olympisch Stadion. Zondag rijden de renners van het Museumplein naar Utrecht. Maandag begint de etappe op de Amsterdamse Zuidas en rijden de renners naar Middelburg.

Nederland heeft een reputatie opgebouwd als het gaat om het binnenhalen van internationale wielerevenementen. In 2002 startte de Giro in Groningen. De Ronde van Spanje reed vorig jaar door Drenthe. En Rotterdam is op 3 juli startplaats van de grootste wielerwedstrijd van het jaar, de Tour de France.

Waarom willen we toch zo graag een wielerronde organiseren? Wat levert het een stad eigenlijk op?

Het organiseren van de Giro is gezien de hoeveelheid media-aandacht relatief goedkoop, rekent de Amsterdamse wethouder Carolien Gehrels (PvdA, Sport) voor. Het budget voor Amsterdam is 5 miljoen euro, waarvan de stad een fee van 750.000 euro direct overmaakt aan de Italiaanse organisatie. De rest van het geld gaat op aan medewerkers, beveiliging, aanpassingen van rails en wegen en een post ‘onvoorziene uitgaven’ van 650.000 euro. Volgens Gehrels heeft de stad „precies” begroot. „We hoeven niet ineens nog een extra brug over de Amstel te leggen.”

Volgens de wethouder krijgt de stad hier veel voor terug. Gehrels somt op: Amsterdam is van oudsher een fietsstad, daar past de Giro bij. Helden zijn voor iedereen te zien, dat inspireert tot sporten. Gratis reclame voor de stad: de televisiebeelden worden uitgezonden in 160 landen.

En, niet onbelangrijk, de beslissing om de Giro binnen te halen viel toen de economische crisis zich aandiende. Volgens de wethouder kan Amsterdam door het evenement 25 miljoen euro aan extra inkomsten tegemoet zien. „Reken maar uit”, zegt Gehrels. „Er komen 300.000 mensen. Die kopen allemaal drank, eten, kado’s en slapen in een hotel.”

Daarbij zijn effecten op langere termijn niet meegerekend. „Heel Italië hangt voor de tv en ziet hoe mooi Amsterdam is” , zegt Gehrels. „Italianen zijn goede toeristen. Ze blijven gemiddeld vijf nachten in de stad, andere toeristen maar twee.”

In Middelburg en Utrecht, dat de Tourstart moest laten aan Rotterdam, is een vergelijkbaar positief verhaal te horen. Al kregen de drie steden wel een financiële tegenvaller te verwerken. Demissionair minister Klink (Sport, CDA) maakte vorige maand bekend per stad 400.000 euro minder subsidie te geven, dan waar de steden rekening mee hielden.

Op het relatief hoge budget van Amsterdam heeft een dergelijk bedrag weinig invloed. Maar Middelburg, die vorige maand al veel kosten maakte met de komst van de koningin tijdens Koninginnedag, raakte in de problemen en kondigde bezuinigingen aan. Ook Utrecht sneed in budgetten, vooral in de aankleding van de stad. Maar geen van de drie steden twijfelde over of de Giro nu eigenlijk wel zo’n goed idee was.

Zijn deze hoge verwachtingen wel te rechtvaardigen? In Groningen, in 2002 startplaats van de Giro, kijkt men achteraf met een dubbel gevoel op het evenement terug. Dat concludeert Robert Berting, destijds als penningmeester van de Stichting Groningen bij de organisatie betrokken. „Het resultaat viel tegen”, zegt Berting nu. „De stad verwachtte meer.”

Het enige wat nu in Groningen nog herinnert aan de wielerronde zijn de roze fietsen, die nog steeds in sommige hotels gratis bij een verblijf worden verstrekt. Het aantal toeristen viel tegen ten opzichte van de prognose, volgens Berting. „In de jaren na de ronde zagen we wel een stijging. Vooral meer Belgen, maar dat effect is vrij snel weggeëbd .”

Groningen sloot het evenement af met een tekort van 410.000 euro, de begroting van 3,4 miljoen euro bleek te laag ingeschat. Berting: „Toen we de begroting opstelden was de vuurwerkramp in Enschede nog niet gebeurd, stonden de torens in New York er nog en was Pim Fortuyn nog niet vermoord. De extra beveiliging joeg ons plots enorm op kosten.”

En Groningen maakte fouten, legt Berting uit. „De stad wilde er méér van maken dan alleen een wielerronde. Het moest een volksfeest worden. Dus kwamen er concerten, exposities. Achteraf bleek dat we daar minder sponsors voor konden vinden dan gehoopt. Maar de evenementen moesten wel doorgaan, dat was zo afgesproken met de gemeente.”

In Amsterdam is dit beter geregeld, legt wethouder Gehrels desgevraagd uit. De evenementen vallen niet onder het budget voor de Giro, maar worden door degene die de evenementen organiseert zelf betaald. „Je leert van elkaar.”

De „pijn van het tekort” is in Groningen inmiddels wel weggezakt, volgens Berting. En ondanks de financiële strop heeft Groningen geen seconde spijt gehad. „Het was voor onze stad en provincie het meest attractieve en aantrekkelijke evenement ooit. De samenhorigheid die je door de hele provincie heen voelt is onvoorstelbaar. Zoiets is niet in geld uit te drukken.”