Even de Grieken gaan helpen

De Grieken staakten en zullen steeds weer gaan staken omdat ze voorzien dat ze geen cent meer zullen hebben om uit te geven. Niet dat staken de economie van zo’n land er meteen weer bovenop helpt, maar je kunt je best voorstellen dat Petros met de pet kwaad is en denkt dat dat corrupte zootje daar in Athene de boel mooi heeft verpest. En dat hij zich niet zomaar de feta van het brood laat eten. En dat-ie ook geen zin heeft in al die buitenlandse woekerrentes en dat brave gezicht van Europa – wie heeft Europa trouwens naar deze contreien gebracht? Nou?

Zeus inderdaad. En wie was Zeus? Nou?

Een Griek.

Dus.

Daar zit wel wat in toch? De gemiddelde Kostas denkt misschien niet meer zo vaak aan Zeus, maar des te meer aan de prijs van de retsina of de benzine. En misschien ook nog wel aan die mooie Olympische Spelen een paar jaar geleden, toen iedereen zo content was met Griekenland en best zag dat het geld daar met bakken werd uitgestrooid – en misschien ook toen al dacht: waar doen ze dat eigenlijk allemaal van? Hadden ze dan zoveel geld?

Maar toen hoorde je niemand. En nu gaan staan hoofdschudden.

Enfin, deze thuiskok gaat de Grieken helpen. Niet door te koken maar door gezellig daar mee te eten en de vakantie-eurootjes om te zetten in retsina. Twee weken lang.

In die tussentijd wordt er hier gewoon doorgegeten en doorgekookt door interimkoks.

Dus tipota sto cheri, niets aan de hand zeg ik in steenkolen-Grieks.

Nu alleen nog even de aardbeientaart afmaken waarvan we gisteren de bodem al gebakken hadden en dan hoppa met de beentjes, sirtaki dansen!

Maar... eerst de banketbakkersroom. Roer daarvoor de eierdooiers en de suiker met een garde goed door elkaar in een kom of schaal. Voeg de bloem toe en klop alles glad.

Verwarm de melk met het vanillestokje erin tot het kookpunt. Zodra de melk kookt giet je die al kloppend bij de eierdooiers, daarna gaat het geheel terug in de melkpan.

Breng het mengsel al roerend met een garde op half-hoog vuur aan de kook. Laat 2 minuten doorkoken, blijven roeren, en giet dan in een schaal. Het is nu een dikke, gele vla.

Klop de vla een paar keer goed door om hem af te laten koelen, leg dan, om velvorming te voorkomen, een stuk plasticfolie op het oppervlak. Laat hem eerst koel worden en zet hem dan in de ijskast om hem koud te laten worden.

Voor het afmaken van de taart:

Was en ontkroon de aardbeien. Leg ze op een handdoek om ze droog te laten worden. Snijd de grote exemplaren doormidden.

Klop de slagroom met de suiker redelijk stijf en klop die door de banketbakkersroom. Schep het roommengsel in de taart en strijk het glad.

Leg de aardbeien zo dicht mogelijk tegen elkaar aan bovenop de taart, je wil echt zoveel mogelijk aardbeien kwijt. Bestuif het geheel vlak voor het opdienen even met poedersuiker.

Prachtig. En lekker.