Sfeervolle maffiafilm met uitgekauwde plotlijnen

The Immortal. (L’Immortel) Regie: Richard Berry. Met Jean Reno, Kad Merad. In 13 bioscopen. ***

„Verspild bloed droogt nooit op”, is het motto van de Franse actiethriller The Immortal uit de filmfabriek van Luc Besson. Een wraakepos dus. Alternatieve naam van de film was 22 Bullets, want het script is losjes gebaseerd op een gangsterbaas uit Marseille die bij een aanslag 22 kogels in zijn lijf kreeg, overleefde en daarna als ‘De Onsterfelijke’ door het leven ging.

Jean Reno, de ongeschoren Franse geweldenaar met slaapkamerogen, vertolkt deze Charly Matteï routineus als harde, wereldwijze gangster met warme kern. Matteï heeft een erecode (geen drugs) en soul: voor zijn familie trok hij zich uit de misdaad terug. Maar de maffia verlaat je alleen tussen zes planken. Dus zien we Matteï in de eerste shots opera zingend met zoontje op de achterbank langs de kust rijden en daarna met diezelfde operamuziek in een parkeergarage neer gemaaid worden.

Het kwade genius blijkt zijn immorele jeugdvriend en opvolger Tony Zacchia (Kad Merad, wel drugs): flashbacks in sepiatonen hun verleden. Volgt een langdurige wraakexpeditie tegen de schutters die wel in de villa van Tony moet eindigen. Er is een subplot over een oprechte agente in een cynisch politieapparaat van Marseille en een ontvoering als Matteï’s bloedige strafexpeditie onappetijtelijk dreigt te worden en hij nieuwe motivatie nodig heeft.

The Immortal schiet tekort vanwege de uitgekauwde plotlijnen en stijlmiddelen, maar scoort net een voldoende omdat hij dat sfeervol en competent doet.