Liefde en gevoel, weerloos tegenover de ratio

Het is verleidelijk te denken dat we slechts ons gevoel hoeven te volgen om liefde en geluk te vinden.

‘Liefdesprofessor’ Jan Drost legt uit wat de gevolgen zijn.

Wat hebben liefde en denken met elkaar te maken? Denken doe je toch met je hoofd, je verstand. En liefde, liefde is een zaak van het hart, liefde is gevoel, hartstocht. Het zijn zaken die koste wat het kost gescheiden moeten blijven. Want doe je dat niet, en laat je het verstand los op het gevoel, dan krijg je een onmogelijk en verstikkend mengsel waarin één van beide ten onder gaat. Wat? Het gevoel natuurlijk.

Liefde en gevoel zijn weerloos tegenover de kille ratio. Onze hersenen zijn lange grijze vingers die zich koud en knellend om ons warm kloppende hart sluiten en er alle leven en liefde uitpersen. Kortom: houd je van liefde, leg je hoofd dan het zwijgen op en volg je gevoel.

Zo ongeveer luidt de romantische opvatting over liefde als gevoel. Het is een manier van tegen liefde aankijken die sterk vertegenwoordigd is in onze cultuur, onze films, verhalen en muziek, en daardoor ook in onze blik, onze manier van kijken en ervaren. De vraag is of deze manier van kijken juist is. Anders gezegd: is deze romantische opvatting een valse verleider? Stel dat zij vals is – en ik kan alvast wel verklappen dat ik stel dat zij vals is – waarom is zij dan toch zo verleidelijk?

Romantische idealen berusten namelijk nogal eens op een verkeerde denkwijze. Dat betekent dat het ideaal vaak helemaal geen werkelijkheid kan worden, en dus onrealistisch is. Wat onze liefdesidealen betreft kan ons verstand ernaast zitten en de plank behoorlijk misslaan, waarbij de hamer niet zelden met een dreun op het hoofdje van Cupido terechtkomt. En als we ons Cupido proberen voor te stellen met een hersenschudding, dan zullen we toch moeten vrezen voor wat hij in een dergelijke toestand met zijn pijl en boog kan aanrichten. Het is niet onwaarschijnlijk dat dit de meest bizarre en onrealistische liefdescombinaties oplevert.

Ook zijn veel van onze romantische idealen gebouwd op wankele misverstanden en blijken zij valse verleiders te zijn. Vals omdat ze ons iets onechts proberen te verkopen. En verleiders omdat wij maar al te graag en keer op keer weer, voor ze zwichten. Waarom wij dat doen? Ik veronderstel dat wij daar op de een of andere manier baat bij hebben.

Maar als je het idee waarop zo’n romantisch ideaal steunt eens onder de loep neemt, dan zie je dat iets wat heel vanzelfsprekend scheen, dat opeens een stuk minder is. Dan komt toch het verstand om de hoek kijken. Want waarom zou liefde alleen maar een kwestie van gevoel zijn? En waarom zou ons verstand die liefde alleen maar om zeep kunnen brengen?

Omdat we als het over de liefde gaat, op ons gevoel willen vertrouwen. En onze beste vrienden en vriendinnen adviseren het ons: „Weet je wat jij moet doen? Volg gewoon je gevoel en alles zal goed komen.”

Vooral dat ‘gewoon’ is misleidend. Hoezo gewoon je gevoel volgen? Het klinkt eenvoudig – maar die eenvoud is bedrieglijk, verraderlijk zelfs. Want als je ook maar even een blik in jouw binnenste werpt, tref je daar algauw meer dan één gevoel aan. Welk gevoel moet je dan zogenaamd volgen? Sommige van die gevoelens zijn tegenstrijdig, zelfs tegenovergesteld, dus het maakt wel degelijk uit welk gevoel je volgt. Daarbij komt ook dat niet alle gevoelens even betrouwbaar zijn als richtingaanwijzer.

Neem het onderscheid tussen kortetermijngevoelens en langetermijngevoelens. Dat onderscheid maken we doorgaans om aan te geven dat er gevoelens zijn die zich richten op de langere termijn – gevoelens waar we onze toekomst op bouwen – en kortetermijngevoelens, die onder toekomst niet veel langer verstaan dan uiterlijk de dag van morgen.

Een voorbeeld. Stel een man zit in het café en na een paar drankjes ziet hij de vrouw van zijn dromen en prompt is hij vergeten dat hij een vrouw heeft, een kind, een gedeeld leven en al dat soort langetermijndingen meer. Zijn gevoel zegt hem dat hij nog maar één ding wil en dat is naar die vrouw toegaan, diep inademen, springen, verdrinken en dan alles vanzelf, en gevoel, overgave, gevoelvolle overgave. Hij tikt zijn vriend die naast hem zit aan en legt hem zijn situatie uit. Als zijn vriend nu een romantisch ingesteld persoon is, zou hij hem adviseren zijn gevoel te volgen.

Een dergelijk advies kan het begin van een hoop goeds zijn, maar, vrees ik, ook van een hoop narigheid. En spijt. Achteraf. Als het te laat is. Een mens kan heel wat aanrichten als hij naar elk gevoel handelt dat in hem opkomt.

Dus romantisch of niet, er zal gedacht moeten worden, er zal vergeleken moeten worden, afgewogen, er zal beheerst moeten worden. In het cafévoorbeeld: grote kans dat de man op het punt stond niet zijn hart maar een heel ander deel van zijn lichaam te volgen. Het onderscheid kunnen maken tussen die twee bronnen van beroering, is misschien moeilijk, maar zeer de moeite waard.

Ik zou zeggen, volg je gevoel. Maar vergeet het niet achterna te denken. Wat van jou is, is van jou.

Jan Drost is filosoof en doceert aan de Hogeschool van Amsterdam het keuzevak De liefdesrelatie.