Kleine boer kan beter niet biologisch werken

De natuur profiteert niet of nauwelijks van kleine biologische landbouwbedrijven. Rond een even kleinschalige, maar niet-biologische boerderij leven zelfs meer vogels. En dat terwijl de productie van die gewone bedrijven groter is. Dat blijkt uit een publicatie in Ecology Letters waarin de twee soorten landbouw werden vergeleken.

„De bijdrage van de biologische landbouw aan de bescherming van de biodiversiteit is veel kleiner dan tot dusver is aangenomen”, aldus de Britse hoogleraar Tim Benton die het onderzoek deed. „Omdat de teeltopbrengst van de biologische landbouw maar half zo groot is als die van kleinschalige conventionele landbouw is de vraag of de wereld zich deze luxe kan permitteren.”

De onderzoeksgroep van ecoloog Benton van de Universiteit van Leeds meent dat tot op heden nooit een zuivere vergelijking is gemaakt tussen de biologische en de gewone, conventionele landbouw (die wel kunstmest en bestrijdingsmiddelen gebruikt).

Methodologisch is dat moeilijk. De vergelijking tussen beide bedrijfstypen is alleen zuiver als bodemtype, klimaat, bedrijfsgrootte en -type (gemengd bedrijf of niet) voldoende overeenstemmen. En als ook de wijde omgeving van de twee vergeleken bedrijven voldoende overeenkomt.

Zorgvuldig selecteerden de onderzoekers in Midden- en Zuid-Engeland acht koppels van bedrijven die óf biologisch óf conventioneel van opzet waren. Per bedrijf (allemaal gemengde bedrijven, met akkers en vee) werden grasland en graanakkers onderzocht op plantenrijkdom en aanwezigheid van wormen, bodeminsecten, vlinders, hommels, bijen, zweefvliegen en vogels.

De uitkomst was dat biologische bedrijven alleen uitblinken in een hogere rijkdom aan plantensoorten, wat direct samenhangt met het afzien van kunstmest en onkruidverdelgers op deze bedrijven. Bij de diersoorten waren de verschillen minimaal, of zelfs negatief voor de biologische bedrijven. Daar werden bijvoorbeeld minder zweefvliegen en vogelsoorten geteld. Dat laatste komt waarschijnlijk door beruchte nestenrovers als eksters, roeken en Vlaamse gaaien die er floreren.

Een zwakte van de studie is dat de kleine conventionele bedrijven waarmee de biologische boerderijen vergeleken worden, weinig voorkomen. Conventionele bedrijven zijn meestal juist grootschalig van opzet.