Homo's laten eigen stem horen

Het eerste homo-blad op papier is in Marokko uit. Homo’s gelden vaak als ‘perverselingen’ en het blad wil tegenwicht bieden.

Het eerste homo-tijdschrift in de Arabische wereld, Mithly, is vorige maand op clandestiene wijze gedrukt en verspreid in Marokko.

Mithly betekent in het Arabisch letterlijk ‘zoals ik’, en de initiatiefnemers achter het nieuwe tijdschrift hopen dat de term ooit het geringschattende chaddh (perverseling in het Arabisch) of zemel (flikker in het Berbers) zal vervangen als benaming voor homoseksuelen in de Arabische wereld.

Dat is vooralsnog verre toekomstmuziek. Mithly is in alle clandestiniteit gedrukt in de Marokkaanse hoofdstad Rabat en met 200 exemplaren verspreid via het informele circuit. Dankzij deze beperkte verspreiding op papier kan Mithly claimen het eerste homo-tijdschrift in de Arabische wereld te zijn; Libanon heeft sinds 2008 een online-magazine voor homo’s, Bekhsoos. Ook Mithly heeft een online-versie, mithly.net.

Voor Mourad, journalist bij Mithly, is de geringe oplage van het blad geen punt. „De berichtgeving over homoseksuelen is tot nu toe het monopolie geweest van de kranten in Marokko, en die stellen ons doorgaans voor als perverselingen en een bedreiging voor de samenleving. Met Mithly hebben wij onze versie van de feiten willen geven. We hebben de homo’s een eigen stem willen geven.”

Artikel 489 van de Marokkaanse strafwet voorziet in gevangenisstraffen van zes maanden tot drie jaar voor wat omschreven wordt als „tegennatuurlijke handelingen met leden van hetzelfde geslacht”. Volgens Kif Kif, een in Madrid gebaseerde organisatie die ijvert voor homo-rechten in de Arabische wereld en de uitgever van Mithly, hebben zo’n vijfduizend homo’s gevangenisstraffen uitgezeten in Marokko sinds de onafhankelijkheid in 1956.

De lancering van Mithly, met financiële steun van de Europese Unie, komt op een moment dat de situatie van homo’s in Marokko licht verbeterd is op strafrechtelijk vlak, maar homofobie meer dan ooit hoogtij viert in de media en de politiek.

„Marokko is na Libanon het meest tolerante land in de Arabische wereld op het vlak van homoseksualiteit”, zegt Mourad. „Wat betreft de toepassing van artikel 489 is er zeker vooruitgang geboekt. De autoriteiten geven blijk van een groter respect voor de individuele rechten van homo’s. En dankzij sites als Kif Kif en internet in het algemeen is er een groter gevoel van vrijheid onder homo’s. Maar wat de publieke opinie betreft, wordt de situatie steeds verontrustender door de opkomst van de islamitische partijen en de voortdurende aanvallen op de homoseksuelen in de islamitisch-gezinde kranten.”

De krant Attajdid, de spreekbuis van de voornaamste fundamentalistische partij in Marokko, de PJD, heeft meteen een verbod van Mithly geëist. Attajdid liet zich de voorbije maanden al opmerken met een campagne tegen een gepland concert van de (homoseksuele) popster Elton John in Rabat in mei – een controverse waaraan het eerste nummer van Mithly een artikel aan wijdt. Maar de aanvallen op de homogemeenschap komen niet alleen van de fundamentalisten. In 2007 ontketende de populistische en conservatieve krant Al-Massae nog volkswoede met zijn berichtgeving over een vermeend homohuwelijk in het stadje Ksar El-Kebir. Hoewel het in werkelijkheid om een verkleedpartij ging, werden de aanwezigen wel veroordeeld tot gevangenisstraffen.

Volgens de Belgische journalist Catherine Vuylsteke, auteur van het boek ‘Onder mannen. Het verzwegen leven van Marokkaanse homo’s’, is dat laatste tekenend voor de officiële Marokkaanse houding. „Het strafrechtelijke optreden van de overheid tegen homo’s moet gezien worden in het kader van haar pogingen om de fundamentalisten de wind uit de zeilen te nemen op momenten dat er een homokwestie in de actualiteit is, of dat nu een vermeend huwelijk is of een nieuw blad”, zegt Vuylsteke. „Zo hadden er meteen na de Ksar el-Kebir-affaire in verschillende steden razzia’s plaats.”

Is het gevaar dan niet groot dat het verschijnen van Mithly meer kwaad dan goed zal doen? Mourad meent van niet. „Jammer genoeg is het volstrekt onmogelijk om met de fundamentalisten in debat te gaan over homoseksualiteit”, zegt hij. „Dus rest ons niets anders dan onze eigen stem te laten horen in de hoop dat we zo beetje bij beetje de homofobe mentaliteit kunnen veranderen – ook al beseffen we wel dat zoiets in de nabije toekomst volstrekt onmogelijk is.”