'Gezin Charles Darwin leed onder inteelt'

„Ze liep kaarsrecht en vaak gooide ze haar hoofd een klein beetje naar achteren, alsof ze in al haar vrolijkheid de wereld uitdaagde.” Dat schreef Charles Darwin, de ontdekker van de evolutietheorie, op 30 april 1851 op een zwart omrand vel papier, een week nadat zijn tienjarige dochter Annie was overleden.

Van de tien kinderen van Charles Darwin en zijn vrouw Emma Wedgwood gingen er drie dood. De zeven andere maakten carrière en werden oud. Maar telkens als een van hen ziek was, begon Charles Darwin vreselijk te tobben. Was hun gestel verzwakt doordat Emma en hijzelf neef en nicht waren? In plantonderzoek had hij gezien hoe ondermijnend inteelt kan zijn.

Darwins zorgen waren niet ongegrond, schrijven nu drie onderzoekers in het vakblad BioScience. De neef-nichthuwelijken in vier generaties van de Wedgwood- en Darwin-dynastieën kunnen tot milde vormen van inteelt hebben geleid. Darwins kinderen hadden dus een licht verhoogde kans om van hun beide ouders dezelfde variant van een gen te erven. En dat verhoogt weer de kans op bepaalde erfelijke (recessieve) ziektes.

Zoöloog Tim Berra van de Ohio State University en al jaren gegrepen door Darwin, zwengelde de kwestie aan nadat hij een artikel had gelezen over inteelt bij het Europese vorstenhuis van de Habsburgers. Hij vroeg de Spaanse auteurs van dat onderzoeksartikel of ze hun computerberekeningen ook konden loslaten op de stamboom van Darwin en Wedgwood.

Zulke berekeningen geven geen zekerheden. Feit is dat drie van Darwins kinderen tijdens hun lange huwelijken kinderloos bleven. Onvruchtbaarheid wordt met inteelt in verband gebracht. Net zoals een verminderde weerstand tegen bacteriële infecties.

Van de drie overleden kinderen – Mary leefde drie weken, Charles werd anderhalf jaar – hadden er twee zo’n infectie opgelopen. Ook Annie. Zij had hoogstwaarschijnlijk tuberculose. Haar dood zou Charles Darwin blijvend beïnvloeden. Een kwart eeuw later schreef hij zijn overgebleven kinderen dat „tears still sometimes come into my eyes when I think of her sweet ways”.