De slechtste plek voor een olievlek

In de delta van de Mississippi kan de olie uit de Golf van Mexico veel kwaad. In de moerassen kan de olie decennialang uit de bodem sijpelen.

Het aantal dood aangespoelde zeeschildpadden is inmiddels opgelopen tot 38. Of de olievlek in de Golf van Mexico hen fataal is geworden, is nog onduidelijk. Ze zaten niet onder de olie. Autopsie moet de komende dagen helderheid brengen.

Hoe groot zijn de gevolgen van de huidige olielekkage? Gespeculeerd wordt er veel. Het olielek, veroorzaakt door een gezonken boorplatform, kan de ergste ecologische ramp in de Amerikaanse geschiedenis worden. Maar zover is het nog niet.

Er zijn veel variabelen die de ernst ervan beïnvloeden. Het weer, het type olie, het effect van de reddingswerkzaamheden, het seizoen.

Weinig bemoedigend zijn de berichten over de hoeveelheid olie die uit de boorput op 1.500 meter diepte lekken. Eerst zou het om zo’n duizend vaten per dag gaan. Daarna werden het vijfduizend vaten per dag, omgerekend bijna 800.000 liter. Inmiddels heeft het Britse energiebedrijf BP laten weten dat het ook meer kan zijn. Wellicht twaalf keer zoveel. Dus 9,5 miljoen liter per dag.

In die volumes benadert het snel de ramp met het schip de Exxon Valdez, in 1989 voor de kust van Alaska, waarbij in één keer 41 miljoen liter olie vrijkwam. Die ramp had catastrofale gevolgen voor de natuur. In de eerste dagen na de ramp stierven duizenden otters en honderdduizenden zeevogels. Maar de gevolgen waren niet alleen acuut. Veertien jaar na de ramp hadden populaties van onder meer zeeotters, harlekijneenden en andere vogels zich nog steeds niet hersteld. Wordt de huidige ramp net zo erg?

De stemming lijkt vooralsnog te variëren met het weer op zee. Vorige week was het weer zo ruw dat reddingswerkzaamheden moesten worden gestopt. De wind dreef de olievlek snel richting de kust, waar veel kwetsbare moerassen en draslanden liggen. Na het weekend ging de wind liggen. Opluchting. Sinds dinsdag droppen vliegtuigen weer massaal oplosmiddelen in de olievlek. Gisteren zijn ook weer boten ingezet, onder andere om olie weg te zuigen.

Maar volgens de National Oceanographic and Atmospheric Administration – de overheidsinstantie die de staat van de oceanen en de atmosfeer in kaart brengt – slaat het weer vanavond weer om. En nog verontrustender: de olievlek bereikt vandaag op verschillende punten de kust, onder andere rond de Mississippi-delta. De slechts denkbare plek voor een olieramp.

Al in 1978 rangschikte de Amerikaanse bioloog Erich Gundlach de Amerikaanse kustgebieden op hun kwetsbaarheid voor olielekkages. Het gevoeligst zijn moerassen, draslanden en mangrovebossen. En daar is de Mississippi-delta rijk aan. Het zijn gebieden die met hun vele kreekjes en inhammen goed zijn afgeschermd tegen golfwerking. Eenmaal aanwezig gaat de olie er niet makkelijk weg. Bovendien zijn de moerassen en draslanden er ondiep – gemiddeld twee meter – en kennen ze eb en vloed. Daardoor wordt de olie relatief makkelijk onder de bodem gewoeld. Bekend is dat ze nog tientallen jaren uit de bodem kunnen sijpelen, en zo de natuur blijven verstoren.

Dat gebeurde na de ramp met de Exxon Valdez. Oliebestanddelen bleven vrijkomen en hoopten zich op in bodemorganismen zoals mosselen en kokkels. Niet alleen deze populaties bleven daardoor minder vruchtbaar, dat gold ook voor hun jagers, zoals zeeotters. Het herstel van een besmet en kwetsbaar gebied kan makkelijk twintig tot dertig jaar duren, schreef Gundlach.

Ook het tijdstip van de ramp is niet gunstig. Het wordt warmer. De basis van de voedselketen, algen en plankton, komt tot bloei. Als die wordt aangetast hebben dieren hoger in de voedselketen minder te eten. Bovendien is het nu broedseizoen. Door oliebesmetting van de eieren, of van net uitgekomen jongen, kan in één klap de volgende generatie worden weggevaagd.

En als dat al niet door de olievlek gebeurt, dan wellicht door de duizenden reddingswerkers die zijn ingezet. Om de olie op te ruimen zetten ze die in brand, en gebruiken ze oplosmiddelen. Bovendien kunnen ze de broedende vogels in het kwetsbare gebied verstoren. In het licht hiervan vragen velen zich af: is het medicijn niet erger dan de kwaal?

Verder hangt veel af van het type olie, en de berichten daarover zijn verwarrend. Het zou het om lichte, dunne olie gaan. Een nadeel daarvan is dat het veel lichte bestanddelen bevat – tolueen, xyleen, benzeen – die aan het zeeoppervlak makkelijk verdampen en bij inademing giftig zijn. Vooral dieren die vaak aan het zeeoppervlak komen, zoals walvissen, schildpadden en zeevogels, zou dat fataal kunnen worden. Bij de ramp met de Exxon Valdez is het sterven van 302 zeehonden in verband gebracht met de inademing van giftige gassen. Voordeel is dat lichte olie op het wateroppervlak drijft en makkelijker te verwijderen is.

Inmiddels zijn er ook berichten dat de olie zwaarder is dan gedacht. Het zou wellicht toch om medium crude gaan. Die plakt makkelijker aan de vacht van dieren, en sluit huidmondjes van planten af. Hij zinkt ook makkelijker naar de bodem, wat het langetermijneffect, bijvoorbeeld in de Mississippi-delta, zou verergeren.

De Amerikanen beginnen langzamerhand te hopen op iets wat ze gewoonlijk vrezen: een stevige orkaan. In juni begint het seizoen. Misschien zal de wind de olie dan verspreiden en wegwaaien uit de kwetsbare gebieden.

Meer over olieramp: pagina 15