Cuba, eiland van luxe golfvakanties

De Varadero Golf Club aan zee met palmen, kaketoes en vooral 18 holes was decennialang een uniek verschijnsel in Cuba. Maar de concurrentie dringt zich op – met goedkeuring van het communistische regime in Havana.

De regering van president Raúl Castro wil grond gaan verpachten aan buitenlandse investeerders voor de ontwikkeling van golfclubs, jachthavens en andere luxe projecten. Met name golf wordt gezien als dé troef om meer kapitaalkrachtige toeristen naar het eiland te lokken.

Havana is in vergevorderd overleg met „meerdere potentiële buitenlandse partners”, zo zei de Cubaanse minister voor toerisme, Manuel Marrero, deze week op de jaarlijkse toerismebeurs. Een aantal Europese en Canadese investeerders wil golfbanen in combinatie met appartementen en villa’s aan de kust aanleggen. Er zijn concrete plannen voor tien nieuwe golfbanen.

Het verpachten van grond aan buitenlandse investeerders is opmerkelijk in het communistische Cuba. De staatsgeleide economie kent geen makelaardij: de inwoners mogen geen huizen kopen of verkopen. Sinds kort worden wel vergunningen verleend aan particulieren om huizen te bouwen of te verbouwen.

Het toerisme is één van de weinige sectoren in Cuba waar het goed gaat. Vorig jaar bezochten 2,4 miljoen reizigers het Caraïbische eiland – een groei van 4 procent volgens officiële statistieken. Veel toeristen bleven echter kort en gaven niet veel geld uit. Buitenlandse kapitalisten zijn dus van harte welkom om vakantie te komen vieren.

Van de wegkwijnende suikerindustrie, ooit de economische pijler van de revolutie, moet het regime het niet meer hebben. Partijkrant Granma maakte gisteren bekend dat de „vreselijke” suikeroogst niet meer zo slecht is geweest sinds 1905. (BBC, AP)