BP: ramp wellicht nog veel groter

De olieramp in de Golf van Mexico kan aanzienlijk groter zijn dan eerder is aangenomen. De hoeveelheid olie die sinds het zinken van een boorplatform vanaf de zeebodem omhoog komt is mogelijk twaalf keer zo groot als werd gedacht.

Tot nu toe stond de schatting van de Amerikaanse overheid en olieconcern BP op 5.000 vaten olie per dag, bijna 800.000 liter. „Het is niet onmogelijk dat dit 60.000 vaten betreft”, zegt Doug Suttles, uitvoerend bestuurder van olieconcern BP. „Als dit zo is, is dat het slechtst denkbare scenario.”

Het olieconcern, de Amerikaanse overheid en tweeduizend vissers proberen op onorthodoxe wijze de zich uitbreidende olieramp te bestrijden. Zo is vannacht een speciaal hiervoor gemaakte cryptevormige constructie van wal gegaan die op 1,5 kilometer diepte op een van de olielekken geplaatst moet worden. Maandag op zijn vroegst kan dan een deel van de olie via een slang in een schip opgevangen worden. „We hebben dit nog nooit eerder zo diep geprobeerd”, zegt Suttles. „Het is zeer complex en waarschijnlijk treden er complicaties op.”

BP-bestuurder Suttles heeft de ongebruikelijke stap gisteren toegelicht op een conferentieoord van concurrent Shell in de staat Louisiana. Hier is het commandocentrum gevestigd van waaruit het oliebedrijf en de overheid de rampenbestrijding coördineren. Er waren al twee andere commandocentra; gisteren is nog een vierde vestiging geopend in Florida.

Die stap houdt verband met de toenemende vrees dat de olie, zowel op als onder water, ook de kust van Florida bedreigt. Wegens het rustige weer heeft de olie zich de laatste dagen nauwelijks verplaatst. Wel is de zichtbare vlek in oppervlakte gegroeid tot circa 110 bij 210 kilometer.

Zowel Suttles als de gisteren ook aanwezige minister van Binnenlandse Zaken Ken Salazar en schout-bij-nacht Mary Landry benadrukken dat een ecologische en economische ramp nagenoeg onafwendbaar is. „De uitdagingen zijn aanzienlijk”, zo zegt Landry. „Alstublieft, laten we allemaal onze verwachtingen temperen.”

Eerder deze week wist BP een van de drie lekken op de zeebodem met behulp van drie op afstand bestuurbare onderzeeboten af te sluiten. Daarmee nam de hoeveelheid olie die in de zee spuit echter niet af. Daarnaast schrapen schepen olie van de zeespiegel, wordt olie op zee in brand gestoken en is 160 kilometer aan opblaasbare plastic buizen gelegd. Het gebruik van oplosmiddelen is tijdelijk gestaakt; eerst wordt onderzocht hoe doeltreffend deze methode is.

Op grote schaal zal de vervuiling op zijn vroegst over enkele dagen zichtbaar worden.