Rustig, rustig

Steve McClaren is by far de beste regenjasdrager van alle trainers in Nederland. Terwijl de spelers van FC Twente halfbloot in de kleedkamer de kampioensschaal aflikten, stond hun coach in de gang met het donkere model om de hoekige schouders. Het zat hem als gegoten.

Kees van Wonderen is de assistent van McClaren. Hij had een paar flesjes bier op de kop getikt. De kroonkurken zaten er nog op. Met de harde rand van het doosje van de kampioensmedaille probeerde hij de doppen los te wrikken.

McClaren kreeg zijn flesje aangereikt. Met één hand in de broekzak, regenjas opengeslagen, nam hij tevreden een slok. Geen gulzig klokken, nee, hij zette voorzichtig het flesje aan zijn lippen. Zo drinkt een politieman die voor de vorm een biertje drinkt na het oplossen van een ingewikkelde moordzaak. Feesten met de rem erop.

Misschien had McClaren met het kampioenschap zijn gram gehaald op de Engelse pers die hem zo vernederde toen hij er als bondscoach in eigen land niet in slaagde het EK te bereiken. A wally with a brolly stond er onder een krantenfoto. De coach keek vanonder een paraplu toe hoe zijn elftal tegen Kroatië ten onder ging. Een Engelse trainer met een paraplu. Ik geloofde mijn ogen niet destijds.

Gistermiddag stond McClaren in de volle regen aanwijzingen te geven aan zijn team. Zonder paraplu, met regenjas. De regen deerde hem niet. Integendeel. McClaren heeft het ideale hoofd voor regen. Pas bij zonneschijn maak je je zorgen, dan wil je zijn tere huid insmeren met factor 20.

Iedereen van FC Twente vertelde achteraf dat kalmte bewaren van grote waarde was geweest de afgelopen weken. Voorzitter Joop Munsterman: „We scoren niet zo snel als Ajax. We doen het rustig, rustig; op de FC Twente-manier.” Middenvelder Kenneth Perez: „Onze kwaliteit is dat we rustig blijven.”

Rust is het wapen van Twente. Veel wedstrijden werden pas laat beslist en vaak door Bryan Ruiz, het ijskonijn uit Costa Rica. Hij maakte er een traditie van om pas in de laatste minuten met een geniale voetbeweging te scoren.

Na het laatste fluitsignaal in de kampioenswedstrijd kwam McClaren uit de dug-out. Zijn gezicht straalde, hij omhelsde zijn voorzitter, maar het echte genot zat van binnen.

Waardig liep hij rond over het veld. De spelers van Twente wilden hun coach op de schouders nemen. Met zijn vriendelijkste gezicht probeerde McClaren de boot af te houden. De coach maakte zich zwaar en wilde eigenlijk weer snel met beide voeten op het gras staan.

Een journalist vroeg hem wat hij nu graag zou doen? „Sit down and reflect, and enjoy a few beers”, was het antwoord van de Engelse coach.

Even later zat McClaren in de bus op weg naar Enschede waar het volksfeest kon beginnen. Tussen de uitbundige spelers zag ik Steve McClaren zitten. Met een leesbril op tuurde hij naar beneden, vermoedelijk naar het schermpje van zijn telefoon. Het reflecteren was al een beetje begonnen.

De Engelsman is een stille genieter. Een regisseur op afstand die nooit het achterste van zijn tong laat zien. De wraak op de Engelse pers is zoet maar hij zal het niet uitspelen. McClaren zal van binnen euforisch zijn geweest. Maar het uitbundig tonen? Nee. Rust is het toverwoord.

Wilfried de Jong