Kind dat van pa's achternaam af wil

Mag een minderjarig kind van gescheiden ouders over zijn achternaam beslissen?

Ook als die ouders nog steeds ruzie hebben?

De Zaken.

Regelmatig vragen kinderen van gescheiden ouders aan de rechter om hun achternaam te mogen veranderen. Deze keer twee uitspraken, één in Amsterdam en één in Arnhem. Beide kinderen wonen bij hun moeder en willen van de naam van hun vader af. Beide gerechtshoven nemen dezelfde beslissing. In beide zaken gaat het om hoog opgelopen conflicten. Beide kinderen voeren al jaren de naam van hun moeder. Beide kinderen zijn op de zitting aan het woord geweest. De vaders willen dat hun kinderen hun naam behouden.

De Feiten.

In de Arnhemse zaak voert het kind (13) aan dat „bijna niemand” in haar omgeving weet dat ze volgens haar paspoort anders heet. Zij wil graag dat haar vader nu helemaal uit haar leven verdwijnt. Het huwelijk van haar ouders liep stuk toen haar vader vertelde homoseksueel te zijn.

In de Amsterdamse kwestie zegt het kind zich „meer verwant” met zijn moeder te voelen. Hij vindt haar achternaam mooier dan die van zijn vader. En hij voert de achternaam van zijn moeder al jaren. Overigens heeft hij naar eigen zeggen een prettig contact met zijn vader. Schriftelijk verklaarde hij dat de wens zijn naam te veranderen zijn eigen idee is.

Wat staat er in de wet?

In het ‘Besluit houdende Regels voor de geslachtsnaamwijziging’ staat dat zo’n wijziging kan op „eensluidend verzoek”. En dat de stem van het kind daarbij de doorslag geeft. Het gaat alleen door als het kind het (ook) wil.

Maar aangezien de ouders het hier juist oneens zijn is er sprake van een geschil over de gezagsuitoefening. Dan is artikel 253a uit boek 1 van het Burgerlijk wetboek van belang. Daarin staat dat de rechter een beslissing neemt die „haar in het belang van het kind wenselijk voorkomt”.

Welke maatstaf legt de rechter aan?

Mag de rechter de wens van het kind negeren? Beide hoven vinden van wel. Het Hof Arnhem leidt dat af uit een uitspraak van de Hoge Raad uit 2008. Daarin staat dat het belang van het kind een overweging van eerste orde dient te zijn maar dat „andere belangen zwaarder kunnen wegen”. We moeten dus wel „rekening houden” met wat het kind wil, concluderen de raadsheren. Maar het hoeft niet de doorslag te geven.

En dus?

Het gaat in beide gevallen niet door. In Amsterdam niet omdat de rechter gezien de jarenlange heftige strijd tussen de ouders niet denkt dat het kind zich een eigen mening heeft kunnen vormen. Gezien zijn goede verstandhouding met zijn vader moet hij via zijn achternaam zich „met zijn vader kunnen blijven identificeren”. In Arnhem moet de dochter ook verder met de naam van haar vader. Zo’n verandering heeft een „grote emotionele lading”. Het „uitbannen van de vader uit het leven van [het kind] is niet in haar belang, aangezien zij zo een deel van haar identiteit ontkent en verliest”. Ook zou zij de consequenties van een naamswijziging onvoldoende overzien.

Folkert Jensma