Ariane is toverig welluidend

Klassiek Ariane et Barbe-Bleue van P. Dukas door Radio Fil. Orkest/ L. Zagrosek. 1/5 Concertgebouw, A’dam. Radio 4: 4/5 20 u.****

Van Moeder de Gans weten we: het is een bloeddorstig beestmens, die Blauwbaard met zijn burcht vol vrouwenlijken. Maar in de opera Ariane et Barbe-Bleue van Paul Dukas blijft de duistere vrouwenverzamelaar een kwezelig flat-character, meer meelijwekkend dan angstaanjagend. Een paar zinnetjes mag hij zingen, evenals de vrouwen die hij in zijn kelder heeft verstopt in plaats van vermoord.

Voor Dukas zijn zij bijrollen. Zíjn opera draait om Ariane, de vrijheidszuchtige heldin die niets opheeft met foute mannen en ook niet lijdt aan het Stockholmsyndroom. Wegwezen uit die burcht, het licht lokt. Ariane wijst haar medeslachtoffers de weg zoals haar mythologische naamgenote dat óók deed, maar de vrouwen blijven hun onderdrukker trouw.

Dukas’ opera, zaterdag slotsom van de operaserie van de Matinee in het Concertgebouw, is zo’n zelden gehoord werk met weinig dramatische dynamiek in de plot, waarvan je meteen begrijpt waarom scenische opvoeringen schaars zijn. „Ik maak me geen illusies omtrent het aantal mensen dat het bericht erin heeft begrepen”, zei Dukas op zijn sterfbed.

Muzikaal vervatte hij de in zijn Ariane (1907) geschetste strijd tussen individuele vrijheid en onvrijheid, licht en duisternis, minder Frans en impressionistisch dan je zou verwachten. De muziek, meeslepend en kleurrijk gespeeld door het Radio Filharmonisch Orkest onder Lothar Zagrosek, is van een toverige welluidendheid – op het clichématige af in de twinkelend geschetste opulentie van Blauwbaards edelstenen. De aard ervan herinnert met kloek koper, door het Groot Omroepkoor pralend gezongen koren van boos dorpsvolk en brede symfonische vergezichten vooral aan Wagner en John Williams, en niet zozeer aan Debussy of Bartók.

De charme van Ariane bungelt aan de invulling van de titelrol, hier ultiem charismatisch en zaalvullend gebracht door de voortreffelijke Zweedse mezzosopraan Katarina Karnéus. Met alt Marie-Nicole Lemieux (voedster) droeg zij de middag, en bracht zo toch iets van Dukas’ zo goed bij deze tijd van het jaar passende boodschap van licht en vrijheid over.