Wild graangen terug gevonden in 19de-eeuws wintergraan

Er zijn niet veel genetische veranderingen bekend die een rol speelden bij de domesticatie van graan, 10.000 jaar geleden. Er zijn mutaties op de zogenaamde Br-loci, waardoor de korrels in de halm blijven en op de Tg- en Q-loci, waardoor het kaf makkelijk van de korrel scheidt. In de jaren negentig werd een gen (NAM-B1) ontdekt dat in een ‘wilde’ vorm voorkomt in ongedomesticeerde emmer (een oergraan). In moderne granen komt het alleen nog in een gemuteerde variant voor. Dat leek een mooie kandidaat voor een domesticatiegen, vooral ook omdat de gemuteerde variant zorgt voor een grotere korrel. Maar helaas, de oervariant is nu ook teruggevonden in het DNA van traditionele Europese tarwesoorten (Journal of Archaeological Science, online 14 april).

Dat betekent dat dit gen, NAM-B1, in zijn gemuteerde vorm, niet al 10.000 jaar geleden algemeen is geworden, maar waarschijnlijk pas sinds de zogenaamde Groene revolutie van de jaren vijftig van de vorige eeuw algemeen is geworden. Toen zijn allerlei traditionele graansoorten vervangen door een klein aantal ‘moderne’ soorten met hoge opbrengst.

In de gemuteerde, ‘gedomesticeerde’ vorm zorgt het gen NAM-B1 voor langzamere rijping en zo voor grotere korrels. Nadeel is wel dat die korrels minder voedingstoffen bevatten omdat de mutatie ook leidt tot minder blad en dus minder voeding voor de graanplant zelf.

Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van 63 graanmonsters die sinds 1865 in Zweden in glazen flessen zijn bewaard. Ze waren vertoond op de Wereldtentoonstelling in Londen van 1862. Het DNA in de dode zaden was nog intact, de helft bevatte het gen NAM-B1. En de Galicische lentetarwe uit Zuid-Polen en de wintertarwe ‘Marigold’ uit Oostduitsland bleken nog gewoon het originele gen te bevatten. Ook in twee spelt-granen uit Centraal-Europa werd het oergen gevonden.

De onderzoekers vermoeden dat de originele genvariant mogelijk altijd in noordelijke granen is blijven bestaan. Door het kortere groeiseizoen was de snellere rijping daar gunstiger (ondanks de kleinere korrels). Hendrik Spiering