Rijk leven in diepe kloof op zeebodem bij Nieuw-Zeeland

Het wemelt van het leven in de 1000 tot 1.100 meter diepe Kaikoura Canyon voor de oostkust van Nieuw-Zeeland. Amerikaanse oceanografen troffen er in de zeebodem grote aantallen zeekomkommers aan, borstelwormen, zee-egels en zogeheten echiura: worstvormige dieren die zich in de bodem graven en voedsel verzamelen met een soort slurf.

Fabio de Leo van de universiteit van Hawaii onderzocht de diepe zeekloof met fotocamera’s, sleepnetten en een speciale schep. Per vierkante meter zeebodem die hij bemonsterde trof hij gemiddeld 516 dieren aan. Dat is tien keer meer dan ooit eerder is gevonden in diepzeegemeenschappen die leven van van organisch materiaal dat aanspoelt of neerdwarrelt.

Het rijke leven in deze diepzeekloof op minder dan een kilometer van de kust van Nieuw-Zeeland vormt de basis voor een voedselketen met nóg spectaculairdere zeedieren zoals de reuzenpijlinktvis en de potvis.

De Leo en zijn collega’s fotografeerden in de Kaikoura Canyon ook diepzeevissen zoals de rattenstaart, genoemd naar zijn kenmerkende kale uiteinde. Op 273 m2 zeebodem ontdekten zij 141 diepzeevissen. Ook die dichtheid van 5.000 vissen per hectare ligt ruim tien keer hoger dan eerder is gezien in vergelijkbare leefgemeenschappen. De studie verschijnt binnenkort online op de website van de Proceedings of the Royal Society B.

Volgens De Leo komen diepzeekloven veel voor langs continentale hellingen. Deze glooiende stukken zeebodem, op gemiddeld enkele honderden kilometers uit de kust markeren doorgaans de overgang van het continentaal plat naar de bodem van de diepzee.

De Leo schat dat deze continentale hellingen wereldwijd doorsneden worden door zeker 660 van deze steile valleien. Die conclusie baseert hij op een inventarisatie van de zeebodem die hij maakte met Google Earth. Leo meent dat diepzeekloven bescherming verdienen als onderschatte hotspots van leven op aarde. Michiel van Nieuwstadt