Mooie winst, dito staatsschuld

‘Sterk’. Dat is het voorvoegsel dat koppenmakers deze week zette voor ‘eerste kwartaal’ bij veel bedrijven, die hun eerste resultaten van 2010 presenteerden. Of er kon worden gemeld dat deze ‘alle verwachtingen overtroffen’. Het lijkt zowaar weer beter te gaan.

Contrasteer dat met de informatie over Europese landen. Nieuwe cijfers over overheidstekorten en staatsschulden van Eurostat en kredietbeoordelingen van Standard & Poors overtroffen ook de verwachtingen. Maar dan in negatieve zin. Landen als Griekenland, Portugal en Spanje zijn er nog ernstiger aan toe dan gedacht. Vanwege de angst voor besmettingsgevaar krijgt het vertrouwen van consumenten in Europese landen zo een nieuwe tik te verduren, zeker zolang ze niet goed weten wat er aan bezuinigingen boven hun hoofd hangen.

Waar halen bedrijven dan toch hun sterke winstgroei vandaan? Allereerst was in het eerste kwartaal van vorig jaar de economie op zijn dieptepunt, net als de bedrijfsresultaten. Maar dat is niet alles. Oliemaatschappijen zagen behalve door kostenbesparingen hun winst stijgen door de oplopende olieprijs. Een gevolg van toenemende vraag uit de opkomende markten. Het gold voor Shell en voor concurrenten als BP (vóór de olieramp) en Total.

Forse kostenbesparingen hielpen andere bedrijven. Uitzender Randstad zag zijn omzet nog dalen, maar zijn winst toenemen. KPN is een ander voorbeeld van een bedrijf dat het vooral moet hebben van toenemende efficiëntie bij lagere omzetten.

Zij zijn niet of nauwelijks in China, India, Brazilië of andere opkomende markten actief waar bedrijven die daar al lang naar toe zijn verhuisd hun forsere herstel halen. Zoals Philips een week geleden en de chemiebedrijven Akzo Nobel en DSM deze week.

Of Unilever, dat al de helft van zijn omzet uit de opkomende markten haalt. Maar topman Paul Polman waarschuwde voor teveel optimisme en wees op de gevaren in de wereldeconomie. Na het diepe dal voor veel bedrijven, geeft het aanvullen van voorraden volgens hem nu de eerste groeistoot. In de opkomende markten ziet hij robuuste groei, al is er gevaar voor oververhitting. In de volwassen markten ziet hij de hoge tekorten, oplopende werkloosheid en het lage consumentenvertrouwen, met alle gevaren voor langdurige stagnatie die daarbij horen.

Problemen die een stevige aanpak vergen, zoals veel managers die in de crisis bij hun bedrijven hebben doorgevoerd. Politici kunnen het simpele recept overnemen: schulden terugbrengen, snijden in de (overheids)kosten en het luisteren naar consumenten. In hun geval: de burgers. Maar er blijft één probleem over. Hoe verover je als lánd vreedzaam de opkomende markten?

Daan van Lent