'Lichtkogels! Het zijn Moffen'

Als 11-jarige jongen ziet Henk Moezelaar (1933) in Eindhoven de Amerikanen komen. Groot feest in de straat, maar dan vallen de bommen.

‘Mijn vader en ik stonden in de middag van 18 september 1944 voor de deur omhoog te kijken, omdat we steeds vliegtuigen hoorden. We zagen ze, in de richting Geldrop en het waren er veel. ‘Ze gooien er pakken uit!’, riep ik. ‘Nee’, zei mijn vader, met toegeknepen ogen in de lucht turend, ‘dat zijn parachutisten!’ En inderdaad herkende ik toen dat het mensen waren en zag ik hun soms bewegende lichaamsdelen.

„Het bleek de inleiding tot de bevrijding van Eindhoven en onderdeel van een grotere dropping rondom de stad. Al dagen tevoren had artillerievuur uit het zuiden aangekondigd dat de geallieerden in aantocht waren. ’s Avonds ging ik gespannen naar bed. Zouden wij nu eindelijk bevrijd worden?

„De vroege morgen van de 19de keek ik nieuwsgierig de straat in en zag de eerste Amerikaanse parachutisten onze straat in komen. Ze liepen in rustig tempo enkele meters achter elkaar, het geweer in de aanslag. Ze keken behoedzaam om zich heen, nu en dan een cirkel draaiend om te ‘zekeren’. Met hun rubberen zolen liepen ze volkomen geluidloos en haast on-militair vergeleken bij de Duitsers die altijd met ijzer beslagen zolen droegen. Ik keek mijn ogen uit: Amerikanen! Ik had ze nog nooit gezien. Het bleken vriendelijke mensen, bereid tot een praatje. Een soldaat liet me trots de inkepingen in de kolf van zijn geweer zien. Voor elke Duitser die hij had doodgeschoten.

„Aan het einde van onze straat stond een schuilkelder waartegen de para’s een rustplaats kozen. Ze legden hun bepakking af en pakten noodrantsoenen uit. Met een groepje jongens ging ik erheen. We kregen chocolade, een enkeling zelfs een Lucky Strike. Lacherig probeerden wij onze eerste Engelse woorden. Even verderop trokken de hele dag tanks en vrachtwagens met zwaaiende Britse militairen Eindhoven in. Een vrolijke, ontspannen sfeer met feestende, zingende mensen. Opgewonden realiseerde ik het me: we waren bevrijd!

„’s Avonds werd er feest gevierd in onze straat. Die was met lampionnen versierd. Buren hadden tafeltjes buiten gezet waarop limonade klaar stond en, voor de ouderen, zelfs iets dat op pils leek. Er klonk vrolijke muziek van artiesten als Eddy Christiani en de Kilima Hawaiians. Zo viel de avond en werd het donker. Er werd gedanst, de stemming steeg.

„Ineens hoorden wij een zwaar gebrom en even later zagen wij grote vliegtuigen. Ze gooiden lichtende bollen uit die goed afstaken tegen de donkere lucht. ‘Oranje boven!’, werd er geroepen en dat werd feestelijk nageroepen. Er werd gezongen: ‘Oranje boven, Oranje boven, leve de koningin!’ Plotseling klonk een harde, opgewonden mannenstem: ‘Lichtkogels! Het zijn moffen, lichtkogels! Naar binnen allemaal!” Paniek

„Even later barstte een verwoestend Duits bombardement los. Een groot deel van de nacht brachten wij in onze kleine kelder door. De aarde trilde, het gierde, het donderde. Angstig hoopten we dat ons huis gespaard zou blijven.”

„De volgende morgen stond ik met mijn ouders in de deuropening. Onze straat leek ongeschonden, maar in de richting centrum zag ik balken steken uit ingevallen daken. We hoorden dat er doden waren gevallen. Buren vertelden ons dat Hans Hermans, een 10-jarige jongen die in de straat achter ons woonde, ’s avonds niet thuisgekomen was. Zijn oudere zus Bertha ging hem zoeken. Samen met Jos, een jongen van haar leeftijd uit onze buurt.

„Later die morgen zag ik ze terugkomen: Jos liep naast, maar ook half achter Bertha en hield haar met beide armen vast. In die armen hing zij meer dan dat ze liep. Ze had haar ogen dicht, en huilde wanhopig, zonder ophouden. Later hoorden we dat Hans gevonden was in de pastorietuin van onze kerk. Die tuin met een groot beeld van Jezus Christus werd omsloten door een gemetseld muurtje van een kleine meter hoog. De hele dag hadden ook daar Amerikaanse parachutisten gelegen om te eten en te rusten. Hans was er ’s avonds gaan kijken. Op het moment dat het bombardement losbarstte, heeft één van die Amerikanen Frans tegen het muurtje gedrukt, om hem te beschermen. Zelf ging hij er tegenaan liggen. Vergeefs, zo bleek.”

Bij dit bombardement op Eindhoven kwamen meer dan tweehonderd mensen om. De Duitsers probeerden er de geallieerde opmars in Nederland mee te vertragen. Eerder in de oorlog werd de stad twee keer getroffen door geallieerde bommen.