'Flagge runter', brult een Duitser

Ursula Roedig (1931) woont op een binnenvaartschip. Dat ligt in Enkhuizen als de Canadezen komen. ‘Hitler pleegt zelfmoord. Erg leuk.’

’t Gaat goed! Ze zijn over de Rijn bij Wesel. Zinnen van de 14-jarige Ursula Roedig op 26 maart in haar ‘Agenda voor het jaar 1945’. Gevolgd door de mededeling: Prachtig, mooi, schitterend weer. Twee keer melk halen. Elke dag een krabbeltje. Huiselijke informatie, afgewisseld met oorlogshandelingen. Almelo gevallen. We hebben monopolie gespeeld. Storm.

Ursula is dan in Stavoren. Ze woont met haar ouders op een Rijnschip, de Siwa. Door de bevrijding van het zuiden is Rijnvaart in 1944 onmogelijk geworden, en de Siwa vaart over het IJsselmeer. Met aardappelen voor de hongerende steden in het westen. Of de andere kant op, met kinderen die naar familie gebracht worden in Groningen en Friesland waar meer te eten is.

We laden 300 kinderen voor Stavoren, schreef ze op 8 maart in Rotterdam. Via Amsterdam gingen ze naar Friesland. Om half 8 in Stavoren. Haast alle kinderen zeeziek. Ze gingen direct door naar Sneek. Meteen gevolgd door: Stavoren is een aardig, klein dorpje (…) je kunt de vis zo op straat kopen.

Vader Frans wacht nu op een nieuwe lading aardappelen voor het westen. Maar de geallieerden rukken op richting Friesland. ’s Avonds om half elf lichtkogels boven ons dak, schrijft Ursula op 11 april. Wij het bed uit en kijken. It was very light. Een dag later: Vliegtuigen cirkelen voortdurend over ons heen. De Duitsers blazen bruggen en bunkers op. Ze slepen de Siwa in de nacht van 17 april het IJsselmeer over naar Enkhuizen. Ze willen het schip voor de haven laten zinken om de toegang te blokkeren. Protesten van vader Frans hebben effect. Ze laten de boot in de haven van Enkhuizen liggen.

Hitler pleegt zelfmoord, tekent Ursula op 30 april op. Erg leuk. Maar met die mededeling is iets geks aan de hand: de dood van de Führer wordt door de Duitse legerleiding pas op 1 mei bekendgemaakt. Hij zou zijn ‘gesneuveld’ bij de slag om Berlijn. Pas na de oorlog bleek dat het anders was gegaan. Ursula Roedig weet het ook niet meer precies. Ze herinnert zich dat ze elke dag schreef. De informatie kwam van Radio Oranje waar haar vader stiekem naar luisterde, vertelt ze.

Op 5 mei om 8 uur hijst vader de Nederlandse vlag op het schip. ‘Flagge runter’, brult een Duitse soldaat. ‘Der krieg ist vorbei’, zegt vader. ‘Wir kapitulieren nie’, is het antwoord. Frans Roedig strijkt toch nog maar even de vlag. Er zijn Canadeze door Enkhuizen getrokken, schrijft Ursula vier dagen later. Feest. Feest. Feest.